Vrije markt

Vrije markteconomie heet het maar wat is daar eigenlijk vrij aan?
Het barst van de regelgeving en die is sedert de propagandisten van de vrije markt aan de macht zijn alleen maar toegenomen. En die regelgeving heeft nu een nieuwe bevolkingsgroep ten gevolge: de economisch daklozen.

Slachtoffers van het economisch stelsel dus. Er is een stelsel van regelgeving ontstaan dat meer en meer begint te lijken op een vernuftig systeem om de burger zoveel mogelijk uit te buiten.
Onder het mom van een ‘lang gewenste’ regelgeving tegen scheefwonen zijn de huren geprivatiseerd en onder het mom van nog meer regels over o.a. winsten en belasting zien woningcoöperaties zich gedwongen sociale huurwoningen te verkopen. In binnensteden kunnen grootkapitalisten ongebreideld hun speculatieve gang gaan waardoor woningen onbetaalbaar zijn geworden, winkelhuren vele malen over de kop gingen enz. enz..
In die winkelsector kunnen kleine winkels niet alleen vanwege de hoge huren nauwelijks hun hoofd boven water houden. De zevendaagse winkelopenstelling maakt winkeliers tot slaven en soms zelfs slavendrijvers doordat ze winkelpersoneel in de vorm van zzp-ers maar een habbekrats kunnen betalen.
In allerlei andere sectoren is de uitbuiting ook steeds zichtbaarder:
De kosten voor de zorgverzekering blijven stijgen terwijl de verzekeringsmaatschappijen recordwinsten boeken.
In de gezondheidszorg lopen de zorgverleners aan de leiband van de verzekeraars die de protocollen bepalen. Het wachten is op de eerste kraamvrouw en baby die overlijden omdat de zorgverzekeraars van alles eisen om een keizersnee (en dus langere ziekenhuisopname) te voorkomen. Of andere slachtoffers omdat het ziekenhuis in de buurt gesloten is.
Er worden nieuwe maatregelen overwogen voor ouders die vaccinaties weigeren, ze kunnen nu al niet meer terecht bij de meeste kinderdagverblijven.
Je wordt vanaf volgend jaar automatisch orgaandonor tenzij je actie onderneemt om te kennen te geven dat je dat niet wilt.

Ondertussen worden onder het mom van onze veiligheid juist angsten aangewakkerd,
wil een minister dat er minder festivals komen om te kunnen bezuinigen op politie-inzet,
worden gegevens over waarschijnlijke gezondheidsschade door 5G verdoezeld,
prachtige landwegen verpest door het kappen van bomen,
moet u om rond te komen fulltime werken en mag u dat blijven doen tot u doodgaat want de pensioengerechtigde leeftijd schuift nog steeds verder op.
(Het nieuwe pensioenakkoord is zo’n typisch voorbeeld van een manipulatieve overheid: eerst iets afpakken en dan een klein beetje teruggeven zodat mensen denken dat er iets gewonnen is.)
En dan is mijn opsomming nog maar een topje van een gigantische ijsberg.

Hoezo vrij? Wie is er vrij?

Op die vrije markt worden burgers massaal verhandeld.

Advertenties

Nonchalance

Hoe haalt u de kroontjes van de aardbeien? Met een mesje of draait u ze er af met uw vingers?
Als kind zag ik nooit iemand met een mesje de kroontjes eraf halen.
Waren we toen minder bang voor vieze vingers? Of zijn de zo ongeveer industrieel geteelde aardbeien te vaak onrijp waardoor we graag het wit wegsnijden gelijk met het kroontje? Ik zie mijn gasten echter ook mijn prachtige geheel gerijpte smaakvolle aardbeien van eigen teelt toppen. Ik zie dat met lede ogen aan. Met een mesje verdwijnt er heel wat aardbei bij het afval. Gelukkig zijn mijn wormen in de wormentoren er blij mee.

Een tv-kok zag ik van een paprika een hele schijf afsnijden om het kleine steeltje te verwijderen.
Diverse tv-koks zie ik van uien aan twee kanten hele schijven wegsnijden.
In gedachten zie ik Willem de Ridder op de Hitweek/Aloha burelen waar hij ook woonde, bezig een ui te pellen en snijden. Willem verkende in die tijd, eind zestiger jaren, het macrobiotische koken en dat begon duidelijk met alle aandacht voor elk ingrediënt. Na het zorgvuldig pellen en verwijderen van de worteltjes en de harde kern aan de andere kant, sneed hij de ui perfect op de nerven.
Alles wat Willem kookte was zo smaakvol dat het je papillen streelde.
Willem kookte met aandacht en liefde.

Een gast die mij wilde helpen met koken vroeg ik of ze het laatste restje zout uit mijn zoutpot in een zoutvaatje wilde doen. Ik wilde de pot leeg hebben om af te kunnen wassen en weer te vullen met een royale hoeveelheid zout. Het kostte haar duidelijk moeite. Ik vroeg of dat iets met haar reumatische aandoening te maken had, maar ze bekende nooit te pielen met restjes maar het gewoon weg te gooien.
Als zout nou veel duurder was dan het is, zou ze dat dan nog doen vraag ik me af.

Zouden ze in arme landen ook paprika’s en uien zo grof behandelen en restjes voedsel van allerlei aard weggooien? Zouden de winkels daar ook zoveel weggooien?
Er wordt vaak beweerd dat we rijk zijn dat we zo makkelijk aan voedsel kunnen komen.
Maar ik zie steeds vaker hoe arm we in wezen zijn.
Door al dat gemak zijn we iets kwijt geraakt; de dankbaarheid voor wat moeder Aarde ons geeft.

We gaan haastig door het leven, er moet zoveel.
We hebben de rust niet om wezenlijke aandacht op te brengen voor al wat is.
Je ziet het in de parken en andere recreatiegebieden aan het afval wat er wordt achtergelaten. Je ziet het aan hoe we met dieren en elkaar omgaan.
Als we rustiger aan zouden doen, verdienen we minder geld, maar hebben we meer tijd om aandacht op te brengen voor al dat is. We zouden dan ook minder consumeren, wat goed zou zijn voor Moeder Aarde.
En wat goed is voor Moeder Aarde, is ook goed voor al wat leeft.
Wat de Aarde ons schenkt, is duur noch goedkoop, het zijn geen economische objecten, spinazie noch kip is een ‘mooi product’ zoals tv-koks dat graag noemen. Het is wat Moeder Aarde doet; ze schenkt leven en dat wat het in leven houdt. Dat verdient, nee vereist respect en is iets om dankbaar voor te zijn.
Als we dat massaal zouden doen, zou er een heel ander klimaat, in alle betekenissen van dat woord, op aarde heersen.

Glimlachen

Net gebeurde het weer: terwijl ik buiten loop kruist mijn blik die van een andere vrouw en ze glimlacht naar me. Ik glimlach terug.
Waarom doen we dat eigenlijk?
Waar komt die gewoonte vandaan?
Wanneer begon het me op te vallen? Sinds wanneer doe ik er aan mee? In mijn jongere jaren was het fenomeen me onbekend.
Ik zoek op internet naar de reden waarom vrouwen naar elkaar glimlachen.
Er blijken diverse onderzoeken gedaan te zijn naar waarom vrouwen glimlachen. Althans, dat schrijven tal van columnisten en bloggers, maar de bronnen van die onderzoeken kan ik niet een twee drie vinden.
Er zou een onderzoek zijn naar de verschillen tussen het glimlachen van vrouwen en mannen. Vrouwen zouden meer glimlachen dan mannen en sneller glimlachen tegen hoger geplaatsten. Alsof ze willen behagen.
Er is veel te vinden over de betekenis van glimlachen in het kader van sociale en seksueel getinte contacten.
Vrouwen kunnen ook een glimlach geven als ze in een seksueel ongemakkelijk situatie zitten. Dat is niet handig, want mannen vinden een glimlach van een vrouw vaak flirterig.
Als ik zo al die blogs en columns lees krijg ik de indruk dat vrouwen tal van ongemakkelijke situaties proberen op te lossen met een glimlach.
Maar voelen we ons dan ongemakkelijk als onze blikken elkaar op straat kruisen?
Zou het iets te maken kunnen hebben met dat vrouwen in een korte blik vaak al een oordeel hebben over het uiterlijk van de ander? Voelen we ons daarop betrapt misschien? En geven we daarom elkaar een verontschuldigend glimlachje?
Ik heb met yoga en meditatie jarenlang geoefend op het niet oordelen. Ooit toen ik dacht dat ik daar flink mee gevorderd was, kwam er op straat een jonge vrouw mijn kant uit lopen. Ik nam waar, signaleerde o.a.: aubergine geverfd kort haar en een haarspeldje dat moest voorkomen dat een haarlok voor haar gezicht zou vallen. Benoemen is geen oordelen. Maar nadat we elkaar gepasseerd waren, uiteraard na een kort glimlachje en ik de hoek om ging, betrapte ik me op de gedachte: “Stom speldje!” Daar was het oordeel weer! 😦
Glimlachen we dan al dan niet onbewust naar elkaar om ons bij voorbaat te verontschuldigingen voor een mogelijk oordeel?
Vrouwen die ernstig kijken worden slechter beoordeeld lees ik. Waarom moet een vrouw toch altijd glimlachen? Een vrouw die dat niet doet wordt vaak beoordeeld als een ‘bitch’ en menig blogger deelt haar zielenroerselen over dit fenomeen.
Zouden we dus naar elkaar glimlachen om te zeggen ik ben geen bitch?
Het zijn meestal heel voorzichtige glimlachjes, misschien ietwat onzeker? Ben ik onzeker als ik begin met zo’n glimlachje?
Toen ik begon mee te doen met dat geglimlach dacht ik eigenlijk heel simpel dat het een teken was van solidariteit. Of even delen van hoe leuk je het vindt dat je er bent. Dat je geniet van het leven, van je vrouw zijn.

Vorige week kreeg ik in het voorbijgaan ineens zo’n lachje van een man. Een veel jongere man, dus kan me nauwelijks voorstellen dat er een erotische bedoeling achter zat. Ik liep met mijn hond door het park te genieten van de mooie natuur en het prachtige weer en voelde me licht en blij. Toen mijn blik die van die man kruiste en hij glimlachte, zag ik dat als een vorm van herkenning van die blijheid die ook hem op dat moment bevangen had.
Conclusie: We glimlachen naar elkaar om vreugde te delen.
In ieder geval is dat meestal de reden waarom ík glimlach naar een onbekende die mijn pad kruist, man of vrouw.

Als het kalf…

Al vele jaren heeft grootkapitaal in vele gebieden van onze samenleving ongebreidelde vrijheid van ondernemen. In de politiek vinden de zogenaamde ‘rechtse’ partijen die vrijheid van ondernemen een groot goed, ‘links’ is daar kritischer op, maar heeft tot nu toe bij allerlei ontwikkelingen zitten slapen lijkt het.
Vooral in de vastgoed business is nu op alle fronten te merken hoe slecht die ongebreidelde vrijheid van ondernemers is voor ‘gewone’ burgers.
Binnensteden hebben geen ruimte meer voor het gewone volk. De koop- en huurprijzen van woningen zijn er dusdanig dat geen gewoon mens die meer kan betalen. Zo worden binnensteden het terrein van de rijken, de yuppen, de expats en toeristen. Amsterdam loopt dan weliswaar voorop, maar begin vorig jaar leerde een bezoek aan Edam me dat bijna al die pittoreske huizen in dit voormalige vissersdorp weliswaar bewoond worden, maar ook hier in het centrum vooral door tijdelijke huurders die een prijs van 2000 euro voor een schaars gemeubileerd huis bestaande uit een kleine huiskamer, keuken en twee slaapkamers een lage prijs vinden. Alleen mensen die zo ongeveer hun hele leven al eigenaar zijn van het huis waar ze wonen hebben nog te maken met lagere woonlasten.
Iets dergelijks geldt ook voor winkelpanden.
Vandaag nam ik een gratis lokale krant mee die op de voorpagina kopt: ‘Identiteit Utrechtse binnenstad onder druk’ en die op de binnenpagina’s diverse politici daarover een mening laat geven. Ze zijn allemaal reuze bezorgd over het verdwijnen van lokale ondernemingen.
Maar ik kon een sarcastisch lachje niet onderdrukken.
Die uittocht van originele ondernemers uit de binnenstad is al jaren bezig, er zijn bijna geen lokale ondernemers meer over. Die er nog zijn hebben doorgaans hun pand ooit lang geleden gekocht, zijn meestal al de AOW gerechtigde leeftijd genaderd of zelfs al gepasseerd.
Wat er met hun winkel gebeurt als zij er de brui aan geven is makkelijk raden.
Er zijn mensen die beweren dat die grote winkelketens die nu de binnensteden bevolken goed zijn voor de werkgelegenheid. Ik geloof er geen snars van. Ik vind het leuk hoor, herintredende dames van middelbare leeftijd bij o.a. het Kruidvat, Etos en Zeeman, maar het vertelt mij ook iets over het salaris dat die ketens betalen. Voor mensen met een ‘grote afstand tot de arbeidsmarkt’ weten juist die grote ketens goed de weg in allerlei loonsubsidieregelingen.
Bij tal van andere zaken zie ik alleen jongeren als winkelbediende. Bij kapperszaken kom ik zelfs behalve de eigenares of eigenaar zelden of nooit een kapster tegen die ouder is dan 28. Is kappen na die leeftijd niet meer leuk om te doen? Of is de salarisschaal dan te hoog voor de baas? Die baas moet vooral in de binnenstad exorbitante huurprijzen betalen.
‘Als het kalf verdronken is, dempt men de put’, zegt een bekend spreekwoord.
Er zijn in de binnensteden al ontelbare kalveren verdronken.

Gisteravond zag ik de docu Fahrenheit 11/9 van Michael Moore. Vele schrijnende feiten daarin, maar het meest onvoorstelbare verhaal is dat van de stad Flint. Een stad met vooral gekleurde inwoners die slachtoffer zijn van een hebzuchtige gouverneur. Hij verkoopt het heldere water dat de bewoners van de stad voor weinig geld uit een meer gepompt kregen aan een grote onderneming. In plaats van dat heldere water krijgen de inwoners met o.a. lood vervuild rivierwater uit hun kranen. Verhuizen kunnen ze niet, want niemand wil hun huis nog kopen.
Dat er volgens president Trump niets aan de hand is met het water in Flint zal u niets verbazen, maar president Obama bleek even corrupt toen hij poolshoogte kwam nemen door net te doen of hij het rivierwater kon drinken.
Volgens Moore hebben dit soort acties van Obama de weg vrij gemaakt voor Trump.
Zoals ook de corruptie en leugens van Nederlandse politici de weg vrij maakten voor mensen als Baudet.
Als gewone burger, of je nu woont in Groningen in een instortend huis, of je zorgkosten niet meer kunt betalen, of (soms zelfs ondanks dat je een baan hebt toch) naar de voedselbank moet, of als mantelzorger het allemaal niet meer aankan enz. enz. enz., weet je toch ook niet meer op wie je nog kunt stemmen zonder dat je belazerd wordt?
De oplossing zit niet in stemmen op racisten of fascisten of nationalisten.
Ook niet in het lacherig doen over die partijen, want ze hebben een geraffineerde aanpak, bedoeld om jaren aan de macht te blijven (Trump zinspeelt al op 16 jaar!).
Maar voor genoeg mensen dat begrijpen zijn er vermoedelijk niet alleen kalveren verdronken…

Stinkende gouwe

Een vriendin vertelde dat ze als kind heel veel wratjes had en haar moeder haar daarom meenam naar een natuurgenezer die op zijn beurt haar meenam naar zijn enorme wilde kruidentuin en haar wees op een plantje. Als ze het steeltje doormidden brak kwam er oranjekleurig sap tevoorschijn dat ze op haar wratjes moest smeren. De wratjes verdwenen er snel door en zijn nooit meer teruggekomen.
Ze vertelde het verhaal omdat ze het leuk vond dat er zo’n plantje bij haar in een van haar plantenbakken opgekomen was. Ongezien wist ik meteen welk kruid ze bedoelde; Stinkende gouwe. Op zijn latijns Chelidonium.
“Raar he dat zo’n plantje kan helpen,” zei ze.
Maar ik vind dat niet raar. Veel raarder is dat de farmaceutische industrie zich kon ontwikkelen doordat ze zogenaamde werkzame stofjes uit planten zijn gaan extraheren. De wetenschap onderzocht welke stoffen verantwoordelijk waren voor genezing en dan werden die uit de plantjes gehaald. Deze manier van denken beheerst tot op de dag van vandaag de ‘moderne’ geneeskunde. Zo ernstig zelfs, dat artsen bij hun opleiding vooral les krijgen in de werking van farmaceutische geneesmiddelen en hun bijwerkingen en nauwelijks les in bijvoorbeeld voeding.
De natuurlijke kruidengeneesmiddelen mogen dankzij lobby’s van de farmaceutische industrie en organisaties als de vereniging tegen kwakzalverij en andere sceptici niet eens meer verkocht worden met een vermelding waartoe ze dienen op de verpakking.
Maar feit is dat de volledige planten geen bijwerkingen geven en de extracten wel.
Komen die farmaceuten en artsen nou nooit eens op het idee dat geneeskunde niet een kwestie is van een stofje voor elke kwaal, maar dat genezen tot stand komt dankzij holistische principes?
Het wetenschappelijke antwoord op de vraag waarom de ene mens of het ene dier vatbaar is voor een ziekte en de andere niet, komt meestal niet verder dan dat er sprake is van verschil in weerstand.
Door de ziekte te isoleren en niet meer te beschouwen als iets wat deel is van de persoon die deze ziekte heeft, mis je verbanden die soms op verbazend eenvoudige wijze voor genezing kunnen zorgen.
Waarom krijg je geen bijwerkingen van Stinkende gouwe of van kamille, maar wel van de uit kamille geëxtraheerde stof?
Omdat het holistische principe ook geldt in planten. Het gaat niet alleen om die ene stof, het gaat om de hele plant en hoe de delen daarvan gebruikt kunnen worden, om bijvoorbeeld met het gebroken steeltje dat oranjekleurige sap op je wratjes te smeren.

In de natuur gaat het om het totaal en de onderlinge verbindingen.
Ecologen weten dat en proberen overheden te bewegen tot maatregelen om ecosystemen te beschermen. Biologen doen ook zoiets, imkers ook, maar de meeste mensen missen het plaatje van het totaal.
Dat totaal is ook groot: de Aarde zelf is één groot ecosysteem dat als zodanig niet los te zien is van het stelsel van planeten om ons heen. Maar als je oog hebt voor de kleine dingen in de natuur zie je juist via het kleine de samenhang.
De van de natuur vervreemde verstedelijkte mens gelooft vaak nog steeds heilig in de kennis van de moderne dokter en verwacht voor elke kwaal een pilletje of iets dergelijks.
Dat genezing begint door goed naar jezelf te kijken en luisteren is voor hen nog vaak ‘zweverig geklets’. Laat staan dat er dan bereidheid is om ‘aan je zelf te werken’.

Als een vogel vruchten eet, verspreid hij de pitjes, al dan niet via zijn ontlasting. Zaadjes van planten verspreiden zich o.a. via vachten van dieren of door de wind, alles werkt met alles samen.
De mens bewerkt de grond met chemicaliën, graaft hele eilanden af voor grondstoffen voor bijvoorbeeld smartphones, stookt fossiele brandstoffen op, laat de bevolkingsaanwas van mensen ongebreideld groeien en is nu zelfs aan het experimenteren met het weer waardoor ook windrichtingen veranderen. Wij mensen zorgen met dit soort zaken voor klimaatverandering en sterke vermindering van de biodiversiteit. Veel soorten sterven uit, dieren, insecten, planten. Het hele ecosysteem verandert. Straks is er misschien geen Stinkende gouwe meer om op je wratjes te smeren.

Volhouden

“Werk je nog?” vroeg ik een kennis die ik op straat tegenkwam.
“Nee, ik heb een burn-out. Ik heb het niet volgehouden,” antwoordt ze met enige schroom.
Ze is ruim 66 en over niet al te lange tijd krijgt ze eindelijk haar AOW en daarvoor het officiële afscheid van haar werk.
Ze had administratief werk, maar ook dat kan teveel worden als je ouder wordt. De dagelijkse verplichtingen, het constante keurslijf, er kunnen allerlei emotionele belastingen ontstaan op het werk en je moet maar mee in dat steeds hogere werkritme waar ook steeds meer jongere mensen op afbranden.
En oudere mensen krijgen ook nog allemaal PHPD (pijntje hier, pijntje daar).
Teun van de Keuken noemde in zijn jongste column in de Volkskrant de mens de nieuwe plofkip. Er moet zo hard gepresteerd worden dat zelfs de tijd voor eten er bij inschiet waardoor de mens al snel grijpt naar snacks en slecht voedsel. Naast gezonder voor je lichaam is een goede lunchpauze ook gezonder voor je geest doordat je even afstand kan nemen van je werk. Diëtisten pleiten voor rustig zittend de tijd nemen voor je maaltijden die uit de hele schijf van vijf moeten bestaan, maar voor zo’n ontbijt is geen tijd en zulk voedsel vind je ook steeds minder in de kantine op je werk.
Bezorgers van de diverse besteldiensten moeten binnen vastgestelde tijdseenheden uw pakketjes bij u thuis bezorgen zodat u niet de hele dag thuis hoeft te blijven en door kunt werken en in tal van andere beroepen moeten ook de ‘targets’ gehaald worden.
In het kader van 5 mei zag ik op Facebook allerlei posts over of we nou echt zo vrij zijn als ons wordt voorgehouden, sommigen noemden daarbij de huidige organisatie van werk ronduit slavenarbeid.
Er zijn gemene trucs uitgehaald onder de diverse kabinetten Rutte en zelfs al in kabinetten daarvoor. Onder het mom van bezuinigingen en decentralisatie zijn in tal van beroepen enorme aantallen ontslagen gevallen waardoor nu een gebrek aan mensen is ontstaan.
Het meest schrijnende voorbeeld vind ik nog steeds de zorg. De mensen die nu worden ingehuurd krijgen minder zekerheden en (nog) lager betaald dan hun ontslagen voorgangers.
In het onderwijs leidt het gebrek aan mensen tot nog meer overbelasting van het personeel dat nog niet met een burn-out thuiszit.
Als je ziek bent, bepaalt de zorgverzekeraar waar je wel of niet recht op hebt. Ondertussen betalen we steeds meer voor de zorg en moeten we meer belasting betalen op elementaire zaken als voeding wat o.a. betekent dat producten van de voedingsindustrie die barsten van stoffen die niet goed voor ons zijn, goedkoper zijn geworden dan verse producten. Als je al tijd zou hebben voor het bereiden van een verse maaltijd moet je daar dus ook nog extra voor betalen.

De term volhouden vind ik een alarmerende term om je werk mee te duiden. Maar inderdaad, dit is niet lang meer vol te houden.