Amerikaans smaakje

Eerst dacht ik dat ik het me verbeeldde maar na drie dagen in New York wist ik het zeker: vrijwel al het voedsel dat we in New York(se restaurants) konden kopen was overgoten door hetzelfde ondefinieerbare smaakje.
Maar ook in andere delen van de Verenigde Staten proefden we dat vreemde smaakje; op vlees, in sauzen, brood, gebak, ja zelfs op fruit en groenten.
In een poging enigszins gezond te kunnen eten kocht ik na ons vertrek uit NY in Georgetown, hoog gelegen in de Rocky Mountains o.a. een zak wortels.
Schokkende ervaring: was en schrap een wortel, neem een hap, proef dat smaakje en pas na een paar keer kauwen de smaak van wortel.
Ik spreek er met diverse Amerikanen over, zowel in Amerika als hier in Nederland. De meeste zijn zich niet bewust van dat smaakje, maar als ik er eindelijk in slaag er een omschrijving voor te bedenken; een soort synthetische versie van gerookt spek, zijn er al meer Amerikanen die de smaak herkennen. Diverse Amerikanen melden dat hun voedsel van smaak verandert door genetische modificatie. Genetische manipulatie en modificatie van gewassen is een reden waarom veel Amerikaans voedsel niet geïmporteerd mag worden in Europa.
Naast dat synthetische gerookt speksmaakje smaken de meer zoete gerechten in de VS bijna allemaal naar vanille. Vanillegeur wordt in New York ook in de metro verspreid, het schijnt lichaamsgeuren te neutraliseren of camoufleren.
Met vanille heb ik sedert een paar jaar ook iets eigenaardigs; soms na het eten van iets waar het inzit (chocolade muffins!), blijft de geur van vanille twee, ja soms zelfs drie dagen in mijn neus hangen. Ik heb me laten vertellen dat ik dan geen vanille heb gegeten, maar bevergeil dat naar vanille schijnt te smaken.
Misschien dat het ‘Amerikaanse smaakje’ een vergelijkbaar effect heeft op mijn smaak- en reukorganen als bevergeil.
Vorige week zat ik in een testpanel om de smaak en geur van aardbeien te beoordelen. Ik had al weken niets met vanille of bevergeil gegeten en toch roken sommige aardbeien naar… vanille. Of de aardbeien genetisch gemanipuleerd waren mocht het onderzoeksbureau niet zeggen.
Ik weet in ieder geval heel zeker dat ik nog intensiever mijn eigen groenten ga telen op mijn moestuintje. De smaak van mijn zelf gekweekte groenten wordt zelfs niet geëvenaard door groenten van de biologische winkel. En de kooktijd is veel minder.
Heb je mijn aardbeien al eens geproefd?

Advertenties

Wegenkaarten

In Denver zoeken we al een poosje naar wegenkaarten. Het levert steevast meewarige blikken op. “Heeft u geen GPS dan?” vraagt ook de winkelmedewerker van de 7 Eleven, waarnaar we verwezen zijn door een andere benzinepomp houdster. Nee, want een GPS helpt je van A naar B, wij willen tien dagen door de Rocky Mountains gaan trekken, geleid door onze intuïtie en op kaarten kunnen zien waar we zijn of het mooi is om heen te gaan enz..
Na enig nadenken weet de winkelmedewerker een wegenatlas van de VS te vinden. Een erg oud exemplaar, beduimeld, grote ezelsoren, de achterkant ontbreekt evenals een paar van de achterste kaarten.
Voor zo’n oude, kapotte, incomplete en hoogst waarschijnlijk ook niet actuele wegenatlas denk ik gul te zijn door een tientje te bieden. Tot mijn verbazing wijst de man op de nog gedeeltelijk aanwezige voorkant: half gescheurd, een stuk eraf, maar er is nog een hoek bewaard gebleven en daarop staat de verkoopprijs: $14,99. Dat is het wel waard, want volgens hem wordt die atlas een collector’s item. Voor verzamelaars bestaan er vast wel betere exemplaren en bovendien zijn we op zoek naar bruikbare kaarten, dus bedankt ik voor het ‘aanbod’.
Voor deze 7 Eleven waren we echter duizenden huisnummers oostwaarts gereden op de Colfax Avenue, die dwars door Denver leidt. Dat we die westwaarts uit moesten rijden op weg naar de Interstate, was onze enige wegwijzer richting de Rocky Mountains. Wilden we daar nog voor het donker een motel vinden, was het beter als we onze kaartenzoektocht konden staken.
Dus ga ik na overleg met mijn reispartner gewapend met 15 dollar de winkel weer in.
“Vooruit dan maar, hier heeft u uw 15 dollar”.
Maar de man pakt i.p.v. de dollars de map uit mijn hand en loopt weg omdat hij iets moet nakijken. Na vijf minuten komt hij weer van achter de winkel tevoorschijn en loopt met de atlas naar de hoge toonbank, pakt daar een telefoon en begint te bellen. Een collega achter die toonbank vraagt of hij mij kan helpen. Ja, ik wil graag die wegenatlas kopen, kijk maar, hier zijn de 15 dollars ervoor. Maar de man aan de telefoon weigert de map af te geven. Na vele minuten stopt hij even met bellen en gebaart dat ik nog langer moet wachten. Hij kan namelijk de atlas niet inscannen bij de kassa en moet uitzoeken wat hij nu moet doen.
“Meneer als u hem toch niet kunt inscannen dan is het toch niet mijn probleem hoe u dat in de kassa moet invoeren? Ik geef u het geld, u mij die map en dan kunt u toch daarna op uw gemak uitzoeken hoe dat moet met uw financiële administratie?”
De man negeert me volkomen.
Dan bemoeit een andere klant zich ermee.
Hij roept naar de man aan de telefoon: “Hé ik ken jou! Jij bent toch ook een moslim net als ik? Ga maar lekker zo door hoor, broeder! Ze rijdt ook nog in een dure SUV dus pak ze maar lekker terug!”
De bellende man onderdrukt ternauwernood een glimlach. De andere medewerker achter de toonbank kijkt verstoord op en maant de bezoeker tot stilte. Dat lukt, maar pas als de moslimbroeder nog een aantal verwensingen aan het adres van arrogante westerse vrouwen heeft geuit.
In mij begint steeds meer te koken… ik zou vloekend en tierend deze winkel achter me willen laten… Maar ons reisdoel is van hoger belang dan mijn emoties door de steeds grovere schofferingen.
Als ik een kwartier nadat ik met mijn 15 dollar de winkel in kwam eindelijk mag afrekenen, doet de andere winkelman dat. Hij zegt sorry voor het lange wachten en geeft me een dollar terug…

.

lange rij

De AH bij mij in de buurt was 1e pinksterdag 1 van de 2 AH’s die als enige in de hele stad en omgeving open waren. Er kwamen zoveel mensen om wat te kopen dat een beveiliger bij de ingang bepaalde hoeveel mensen er binnen mochten. De rijen binnen waren lang en talrijk maar de rij buiten was mogelijk nog langer.
Het was vooral de jongere generatie die in de rij stond. Vermoedelijk zijn ouderen nog een beetje gewend om bij feestdagen vooruit te denken, daar zijn ze in opgevoed; als feestdagen aansloten bij het weekend, kwam het zelfs voor dat winkels 3 dagen achtereen gesloten waren! Voor jongere generaties is dat ondenkbaar, gewend als ze zijn om elke dag naar de winkel te kunnen. De koopzondag is volledig ingeburgerd.
De meeste jongeren en jonge gezinnen leggen ook nauwelijks voedselvoorraden aan. Waarom zou je ook in een 24/7 economie…
Oudere generaties hebben meestal nog wel voorraden. Misschien uit gewoonte. Misschien om andere redenen?
Bij hen kun je meestal nog zonder afspraak op visite komen. Ook op koopzondag.

langerij

Cactussen

Als ik uit het raam van ons motel kijk zie ik de cactussen. Het is nog erg vroeg maar de zon schijnt al volop. Hoe kan dat nou? Dan besef ik dat ik niet uit het raam kijk maar naar de televisie die ik kennelijk vergeten ben uit te zetten. Als ik weer wakker word staat de zon hoog aan de hemel. Het cactuslandschap ten noorden van Phoenix is vervangen door een middels irrigatie groen gehouden omgeving van het motel. Ik voer vrolijke gesprekken met mensen die ik voor het eerst zie. Maar waar gaat dit over? Opnieuw blijk ik in slaap gevallen zonder de televisie te hebben uitgezet.
Ik klik op het rode knopje van de zapper en kruip voorzichtig onder het laken om mijn reispartner niet wakker te maken.
Maar mijn reispartner ligt er niet, wel de hond die stiekem op het voeteneind is gaan liggen.
Ik ben niet meer op reis, ik ben thuis.
Op reis voelde ik me overal thuis. Leven in het hier en nu maakt je bovendien heel flexibel.
Maar omschakelen is kennelijk iets wat je toch niet zo snel doet als je denkt.