Zorgkosten

Mijn vader was een belangrijk recept kwijt dat hij van de anesthesist had gekregen ter voorbereiding op een operatieve ingreep.
Telefonisch sprak ik de anesthesist die het recept digitaal stuurde naar de apotheek waar mijn vader is aangesloten en de apotheker heeft het medicijn bezorgd bij het zorgteam van het huis waar mijn vader een aanleunwoning heeft.
Dat het me toch een paar uur kostte kwam vooral omdat ik geen rechtstreekse telefoonnummers had van de diverse bij dit proces betrokkenen. Toen alles geregeld was voelde ik enig ontzag hoe tegenwoordig onze samenleving georganiseerd is en hoe de digitalisering zaken mogelijk en zelfs eenvoudig maakt.

De operatieve ingreep was op zich niet erg risicovol, maar mijn vader is bijna 92 en dat brengt wel extra risico’s met zich mee. Maar de eventuele voordelen van het effect van de operatie waren voor mijn vader zwaarwegend. Aspecten van mijn vaders geestelijke gesteldheid werden door hem of behandelaars nauwelijks meegewogen in het besluit.
De operatie verliep goed, maar na een dag concludeerde mijn vader dat de operatie hem niet had gebracht wat hij had gehoopt. Wat wie hem ook vertelde over dat het nog veel te vroeg was voor die conclusie; hij bleef er van overtuigd. In korte tijd werd hij zeer neerslachtig en ’s nachts kreeg hij hoge koorts. Overdag zakte de koorts doorgaans snel, maar de nachtelijke hoge temperaturen bleven. Antibiotica sloeg niet aan en tal van onderzoeken gaven geen uitslag over wat er aan de hand was. Hij kreeg steeds meer moeite met alles wat er gebeurde nog op een rijtje te houden. Uiteindelijk zakte de koorts na het stoppen met antibiotica. Na nog voor de zekerheid een hartonderzoek mag mijn vader binnenkort i.p.v. na de geplande twee dagen, na ruim twee weken weer naar huis.

Het brengt me weer eens bij de vraag:
Moet alles kunnen wat kan?
Voor mijn vader ging het om de kwaliteit van zijn leven. Misschien kan of kon hij wel 100 worden, maar dat wilde hij niet met de kwaal die hij had.
Toch is die kwaal niets meer of minder dan een ouderdomsverschijnsel. Ik kan me een andere manier van omgaan met de kwaal voorstellen dan een operatie met geringe slagingskans en heel grote risico’s, maar mijn vader heeft een heilig geloof in artsen en de maakbaarheid van het lichaam.

Ik hoorde van een jonge man die nog niet de helft van mijn vaders leeftijd heeft dat er een knobbeltje geconstateerd is in het lichaamsdeel waar mijn vader zijn ingreep aan kreeg. Bij hem gaat het niet alleen over de kwaliteit van maar misschien om zijn leven. Onderzoeken moeten uitwijzen of dat wel of niet zo is. Die onderzoeken gaan die jonge man zijn volledige eigen bijdrage kosten. Die 385 euro is meer dan hij maandelijks te besteden heeft na aftrek van vaste lasten. Nu heeft hij dus nog een zorg erbij…

Ik denk niet dat die eigen bijdrage de gezondheidszorg goedkoper maakt. Ik denk ook niet dat we onze ouderen onderzoeken of risico’s moeten ontzeggen in pogingen de kwaliteit van hun leven te handhaven of verbeteren. Maar ik denk wel dat de allopatische geneeskunde nog veel te leren heeft van oudere geneeswijzen die uitgaan van heel de mens.
Aan zo’n ontwikkeling kun je nauwelijks toekomen als je als behandelaar hele checklisten van zorgverzekeraars moet invullen, de zorg gezien wordt als iets waar je efficiency checks op los kunt laten en een behandeling voor kunt kiezen uit een lijstje waar kosten en baten op een rijtje worden gezet.

Van de marktwerking in de zorg is inmiddels bewezen dat het de zorg alleen maar duurder heeft gemaakt, de ‘handen aan het bed’ verminderd, en van wie daar nog werkt de salarissen verlaagd. Maar de specialisten verdienen niet minder, de zorgverzekeraars maken miljarden winst, allerlei slimmeriken zijn met particuliere zorgbureau’s e.d. miljonair geworden en de farmaceutische industrie heeft meer macht dan integere doktoren verantwoord vinden. Daar verandert die eigen bijdrage, vooral niet die van minder draagkrachtigen, helemaal niks aan!

Advertenties