Chat met de NS

26-03-2018 12:19
Jonathan heeft zich bij het gesprek gevoegd.
 
Klant
12:21
Hoi. Afgelopen donderdag was ik in Hoorn. Ik ken die plaats niet en bleek aan de verkeerde kant van het station te zijn. Dus ik terug, weer door poortje (incheck) en aan de andere kant van het station er weer uit (uitcheck). Toch stond er bij mijn reisinfo een incheck zonder uitcheck. Hoe kan dat???
 
Jonathan
12:23
Goedemiddag! Dat is bijzonder. Is er ook teveel geld van de kaart afgehouden nu?
 
12:27
Je hebt al een paar minuten geen reactie gestuurd. Mocht ik binnen 2 minuten geen reactie hebben ontvangen, dan ben ik helaas genoodzaakt om de chat te sluiten.
 
Klant
12:29
sorry
 
12:29
Ja heb claim ingediend
 
12:30
Maar ik snap dus niet hoe het kan
 
Jonathan
12:30
Mogelijk was de uitcheck niet goed geregistreerd?
 
Klant
12:31
Ik wil dit niet graag vaker meemaken, kost allemaal veel tijd enz.. dus zou graag weten hoe ik zoiets voortaan kan voorkomen
 
12:31
Ja kennelijk was die niet goed geregistreerd.
 
12:31
Maar is dat dan een storing in het systeem?
 
Jonathan
12:32
Dat kan, het is lastig voor mij om te zeggen wat de oorzaak was.
 
Klant
12:33
tsja
 
12:33
kan tijd een rol spelen?
 
12:34
Ik was aan de centrumkant uitgestapt en het duurde misschien wel 10 minuten voor ik door had dat ik aan de verkeerde kant was en terug moest
 
12:36
ik zag iets van ‘al eerder uitgecheckt toen ik ‘terugging door het poortje.. wat er gemeld werd toen ik het station weer verliet aan de andere kant kon ik niet goed zien..
 
Jonathan
12:37
De tijd zou in dit geval geen factor zijn.
 
12:37
Mogelijk was er een storing.
 
Klant
12:38
die melding van ‘al eerder uitgecheckt”(of woorden van gelijke strekking) is normaal als je terug gaat?
 
Jonathan
12:40
Ja, klopt.
 
Klant
12:41
ok. Dan ga je daarna het station weer uit (duurde even want er kwam een trein en ik moest met de lift) .. wat zou dan de melding moeten zijn?
 
12:41
Want daar ging het kennelijk fout
 
Jonathan
12:42
Ik zou even kunnen in je reisgeschiedenis. Mogelijk word ik daar wat wijzer uit.
 
12:42
Zou je de volgende gegevens willen sturen: voorletters, achternaam, postcode, huisnummer, geboortedatum, OV-chipkaartnummer en e-mailadres?
 
Klant
12:44
(gegevens verstuurd)
 
Jonathan
12:48
Het komt waarschijnlijk omdat je aan de verkeerde kant van de poortjes had ingecheckt, dus eigen uitgecheckt, en daarna was direct €10,- afgehouden.
 
Klant
12:49
Je kan toch niet aan de verkeerde kant door een poortje? Er wordt toch aangegeven met rode kruisen en groene pijlen?
 
Jonathan
12:50
Wat ik zie is dat er een uitcheck was geregistreerd, en daardoor was direct €10,- afgehouden.
 
Klant
12:50
Voor alle duidelijkheid even deze vraag herhalen: Toen ik de tweede x het station verliet wat had toen de melding moeten zijn?
 
Jonathan
12:50
Ik ben echter niet bekend met het station daar, dus veel meer kan ik niet zeggen.
 
Klant
12:51
Ik chat juist met je omdat ik wil weten hoe het komt dat er een incheck was geregistreerd…
 
12:52
Maar de conclusie is dus kennelijk dat er storingen voorkomen?
 
Jonathan
12:53
Er was een uitcheck geregistreerd, zonder incheck waardoor er €10,- was afgehouden. Dat is alles wat ik kan zeggen op basis van de informatie die ik heb. De melding zou dan zijn: ‘Geen incheck geregistreerd’.
 
Klant
12:54
Apart hoor dus als je uitcheckt zonder incheck wordt er ook geld ingehouden?

Jonathan
12:55
Ja, klopt.
 
Klant
12:56
Dus samenvattend:
 
12:57
Ik ging terug en kreeg de melding dat er al een uitcheck geregistreerd was en ga een paar minuten later het station uit door een poortje en dan is de conclusie dat er een uitcheck was zonder incheck?
 
12:57
En dan staat er in mijn reisgeschiedenis dat ik een incheck heb zonder uitcheck….
 
Jonathan
12:59
Zo staat het waarschijnlijk inderdaad bij de reisgeschiedenis die je kan zien. In mijn systeem zie ik echter het transactiestype ‘Check-out’.

Klant
13:00
Ik geef het op. Ik concludeer dat er iets fout gaat en dat we niet goed weten wat , dat een storing niet is uitgesloten

Jonathan
13:01
Het is soms lastig te zeggen met dit soort gevallen. Mogelijk is een storing met de poortjes inderdaad.
 
Klant
13:01
Dat denk ik ook…
 
13:02
Ik vond het eerst onzin als mensen zich druk maken over dat basistarief van 10 of 20 euro en ook problemen hebben met die poortjes….
 
13:02
Maar heb nu zelf definitief een hekel aan de poortjes
 
13:03
Bedankt voor je pogen te helpen

Jonathan
13:05
Geen dank! Heb je nog andere vragen?
 
Klant
13:07
nee dank je

 

Advertenties

Leeg hoofd

Het lijkt in de publieke ruimte alleen nog maar toe te nemen: mensen die niet meer naar elkaar maar alleen nog op hun scherm kijken.
Bij reizigers is dat gedrag helemaal opvallend.
Naar buiten kijken in de trein is er niet meer bij, praatjes maken wordt steeds zeldzamer.
Ik kijk graag naar buiten, vooral bij mooi weer op weg naar onbekende of minder bekende bestemmingen.
Zo zag ik vandaag vanuit de trein het polderlandschap van de zeevang en vond het een toekomstgericht denken waarmee de spoorlijn zo hoog aangelegd bleek. Ik was enigszins verbijsterd over het vertrouwen dat bewoners van huizen die onder een dijk van het IJsselmeer lagen moeten hebben om daar te wonen. Die woningen, waaronder veel van boeren, liggen zo laag dat bij een overstroming alleen hun dak nog boven het water uit zou steken. Dat lijkt me in deze eeuw van opwarming van de aarde en verhoging van de zeespiegel niet zonder gevaar.
Praatjes maak ik ook graag.
Vooral met mensen die hun telefoon in de aanslag hebben. 😉
“Wat een geweldige apparaten he,” zei ik tegen een mevrouw die aan de andere kant van het gangpad al een half uur intensief met haar smartphone bezig was en op dat moment mijn enige medereiziger in die coupe. Ze bevestigde mijn observatie en vertelde uit zichzelf dat ze dat ding niet de hele dag bij zich had. Maar zo in de trein was het wel fijn alle appjes even bijwerken.
De mevrouw die ik toch zeker een paar jaar ouder schat dan mezelf logenstraft het idee dat bejaarden niet met smartphones om zouden kunnen gaan.
Soms is het anders dan je denkt. Zo zat ik vorig jaar op een Turks vliegveld een uur tegenover een stel dat niet met elkaar sprak, maar allebei hun telefoon voor zich hield. Pas toen ik opstond ontdekte ik dat ze een spelletje speelden, samen 😉

De gratis metro krant was vandaag in extra grote getale op de stations aanwezig, zodat ik hem zelfs nog begin van de avond kon scoren. Ik dacht dat de grote oplage met de verkiezingen te maken zou hebben, maar daarvoor verwees de krant naar hun website.
Wat ik interessant vond waren de vijf tips om je hoofd leeg te maken op pagina 11. Want ja! dat vind ik een van de voornaamste voordelen van reizen: dat je de tijd en de rust hebt om meditatief of contemplatief bezig te zijn.
Al die mensen met hun telefoon voor hun neus maken geen gebruik van die gelegenheid.
Waarom eigenlijk niet?
Zien ze reizen als verloren tijd die ingehaald moet worden door iets te doen tijdens het reizen?
Is het reizen zo’n onderdeel van hun drukke leven dat ze blij zijn hun apps en mailtjes en Facebook even bij te kunnen werken?

Wachtend op de bus zag ik een jonge man iets doen wat ik al lang niet meer gezien had: een kruiswoordraadsel oplossen (en ondertussen naar iets door een koptelefoon luisteren, ongetwijfeld via zijn smartphone).
In de overvolle stadsbus vanaf het station moest ik blijven staan waardoor me blikken gegund werden op heel veel verschillende telefoonschermpjes. De meeste mensen bleken bezig met WhatsApp of Facebook, maar een aantal zaten ook domweg spelletjes te spelen.
Eén van de vijf tips in de Metro was deze:
Zet je telefoon op stil en stop hem in je jas of tas. Zonder deze afleiding wordt het vanzelf stiller in je hoofd.

Juist in een trein word ik makkelijk stil in mijn hoofd. Waardoor ik er veel van mijn diepste inzichten en beste ideeën heb gekregen.

20180322_192138

Shoppen

Op de markt scoor ik een leuke voorjaarsbroek en een vest voor volgende winter voor samen 9 euro. Kennelijk staat die marktkoopman ook op de Utrechtse Bazaar want daar is het plastic tasje van, waar hij het textiel voor me in verpakt.
Je kunt er
‘gezellig shoppen’ lees ik de koeienletters die erbij staan.
Meteen is mijn blijdschap over de gescoorde kleding behoorlijk bekoeld. Ik hou helemaal niet van shoppen!
Ik heb een of twee keer met mijn Griekse vriendin kleding geshopt, waarvan ik het zachtgele katoenen jasje dat ik samen met een bijpassende broek kocht nog steeds kan dragen ondanks maatveranderingen. Met een eveneens overleden andere vriendin ben ik een paar keer ‘gezellig de stad in geweest’, waarbij het er voor haar vooral om ging om relaxed rond te snuffelen bij exotische stalletjes en winkeltjes. Ik heb er nog steeds een klein houten doosje van fijn houtsnijwerk aan overgehouden met een brok amber erin die nu, decennia later, tot poeder begint te vervallen. Hoewel ik die aanschaf nog steeds waardeer, ging het mij meer om de maaltijd in een restaurant waarmee we het ‘gezellig winkelen’ afsloten.
De regenjas die ik kocht tijdens de enige keer dat ik met mijn dochter in Amersfoort ging winkelen heb ik ook nog steeds.

Ik heb dat allemaal zo goed onthouden omdat ik dat normaliter niet doe, winkelen. Ik koop liefst snel en efficiënt en vindt de kleine dinsdagse markt in Hoograven plezierig omdat hij overzichtelijk is, de prijzen er lager zijn dan op de grote weekmarkt in het centrum en ik in de loop der jaren een zekere band heb opgebouwd met de marktkooplieden. Ik blijf het plezierig vinden als ‘mijn’ groenteman zodra ik aan de beurt ben vraagt “5 witte?”, waarmee hij mijn veertiendaagse aanschaf van witte grapefruits bedoelt.
Het is comfortabel dat ‘mijn kaasboer’ precies weet welke kazen ik lekker vind en die feilloos kiest om even van te proeven. En ja, het is ook leuk als de vrouw van ‘mijn’ visboer, zelf een jonge moeder, vraagt hoe het met mijn kleindochter is.
Dat soort dingen maakt boodschappen doen gezellig.
De gezelligheid in de supermarkt moet komen van vrienden en kennissen die ik daar soms tegenkom en dan sta je altijd wel iemand in de weg..

Duurzame zaken zijn bijna niet meer te koop op markten. De aanschaf daarvan wordt meer en meer online gedaan. Dat is behoorlijk efficiënt, ook om kwaliteit en prijzen te kunnen vergelijken.
Toch worden er niet vaak pakketjes bij mij thuis bezorgd.
Om een simpele reden:
ik ben van het Konsuminderen en koop pas iets nieuws als het oude echt versleten is.
Daarom had ik behoorlijk de pest in dat ik bij mijn kaasboer een kaasschaaf moest kopen. De vorige was na vele jaren trouwe dienst van zijn handvat afgebroken. Ik had er daarom een van rvs gekocht bij de bekende huishoudzaak die nog steeds aan het inkrimpen is.
Nou snap ik waarom. Het roestvrije stalen ding ligt nu in de vuilnisbak (metalen vissen ze er toch uit hoop ik bij de afvalverwerking?) want ik kon hem niemand anders aandoen; je kon er absoluut geen recht plakje kaas mee snijden… alleen een soort bobbels..
Ik hoop dat die huishoudzaak iets aan de kwaliteit van de verkochte spullen gaat doen. Die kleine spullen koop je niet makkelijk online.
Maar kopen om weg te gooien is nog erger.

Tegenwoordig wordt Konsuminderen gewoon weer met een C geschreven. Misschien is dat een teken dat het idee erachter breder onderschreven wordt.
Misschien illustreert de leegstand van winkelpanden in de binnensteden niet alleen de toename van online aankopen doen, maar is er ook een teruggang van ‘gezellig’ shoppen…

Sterfelijkheid

Met je verstand weet je natuurlijk, ooit ga je dood.
Maar kun je je daar wat bij voorstellen?
Kun je je echt voorstellen dat je er op een dag niet meer bent?
Voor je gevoel ben je er, oneindig.
Hoe meer je in het hier en nu leeft, hoe sterker dat gevoel lijkt te zijn.
Spiritueel georiënteerde mensen denken dat het komt omdat je in wezen ook onsterfelijk bent. Je ziel, je goddelijke vonk, hoe je het ook noemt, leeft voort en aangezien dat de wezenlijke motor van je bestaan is, voel je je zelf onsterfelijk.
Het is een mooie verklaring die ik graag wil geloven.
Maar als ik doodzieke mensen zie vastklampen aan het leven ga ik daar behoorlijk aan twijfelen.
Ik behoor tot de leeftijdscategorie waarbij het wegvallen van mensen waar je een groot deel van je leven mee optrok vaak voorkomt. Ik zie en hoor dus nogal eens van alles over die doodstrijd. Vooral bij mensen die ‘de’ diagnose krijgen. Dat zijn de meesten, want inmiddels gaat een op de drie Nederlanders dood aan kanker.
De eerste reactie is vaak ongeloof. Ineens blijk je toch echt sterfelijk.
Gisteren belde weer een vriend dat hij slecht nieuws had.
In december begon hij voor het eerst ergens pijn te krijgen en de afgelopen drie weken was hij voor allerlei onderzoeken 12 keer in het ziekenhuis. Morgen komt de uitslag, maar eigenlijk weet hij die al, want op een MRI-scan waren op zijn hele lichaam ‘vlekken’ te zien.
Voor hem geen chemo’s en bestralingen, daar gelooft hij niet in. Maar hij slikt o.a. speciaal geconcentreerde kurkuma en gaat proberen zoveel mogelijk van de laatste fase van zijn leven te genieten. Zijn stem klonk broos, hij kan het nog nauwelijks geloven en.. heeft al morfine.
Ik op mijn beurt kan nauwelijks geloven dat ik hem binnenkort vermoedelijk voor de laatste keer ga zien.

Wie nog gelooft dat kanker een ziekte is die tussen de oren ontstaat zou ik willen wijzen op dat Nederland behoort tot de landen met de meeste kankersterfte binnen Europa. De helende reis van Brandon Bays wordt daarmee een weg die voor kanker bijna niet meer opgaat. Het tempo waarmee in Nederland de ziekte zich vaak ontwikkelt sluit het helen door zo’n innerlijke reis meestal uit.
Onze lucht is vuil, ons water is vuil, ons voedsel deugt niet en het barst van de straling!
Waarom protesteren we daar zo weinig tegen? Op de oude manier of op de nieuwe liefdevolle manier?

Misschien dat je eerst ziek moet worden om te geloven dat je dood gaat.
Misschien moet je eerst ervaren dat je aan kanker doodgaat voor je begrijpt hoe vervuild onze leefwereld is.
Als dat al zo moeilijk is, wordt ook begrijpelijk waarom we zo gelaten reageren op de klimaatverandering en andere grote rampen in de wereld ten gevolge van hoe we omgaan met ons leefklimaat.
Ik zie steeds vaker al dan niet wetenschappelijk onderbouwde artikelen die proberen uit te leggen dat onze hersenen niet geschikt zijn voor bewustzijn van gevolgen op de lange termijn. We kunnen ons niet zodanig een voorstelling maken van rampen die over tien of nog meer jaar kunnen gaan plaatsvinden dat we ernaar gaan handelen.
Misschien moeten we eerst grote massale rampen meemaken voor we geloven dat het echt fout gaat…

Mijn zieke vriend zei: “Misschien is het wel goed dat ik nu ga. Dan kan ik als er massale sterfte komt, jullie helpen opvangen.”

Begin van de lente

Een paar dagen geleden meldden de journaals dat de lente was begonnen.
Buiten vroor het vele graden.
Toch zou de lente zijn begonnen.
Ik ben opgegroeid met dat de lente begint op 21 maart.
Gewoon een datum op de kalender. Net als de andere jaargetijden.
Maar ineens bestaat er nu zoiets als een meteorologisch begin van een jaargetijde.
Wie heeft dat in vredesnaam bedacht en wat stelt dat voor?
Hoe kan ik als gewoon mens weten wanneer meteorologisch de lente begint?
Wat voor instrumenten heb ik daarvoor nodig?
Maar hoera, we hebben internet.
Je kunt gewoon een lijstje vinden.
Ik lees: “De Meteorologische seizoenen beginnen telkens op de eerste van de maanden maart, juni, september en december om de klimatologische berekeningen eenvoudig en uniform te houden. De Astronomische seizoenen beginnen rond de 21e van diezelfde maanden.”
Hoe ik het geleerd heb heet kennelijk astronomische seizoenen.
Die meteorologische moeten de berekeningen eenvoudig houden. Dus het is bedacht door meteorologen?
Als kind begon voor mij het voorjaar als ik voor het eerst met blote benen naar buiten mocht. Niet zelden viel een buitentemperatuur die daar geschikt voor was samen met mijn verjaardag, een paar dagen na het astronomische lentepunt.
De vreugdevolle her-innering aan met een nieuwe jurk en voor het eerst in vele maanden geen kousen aan de weg naar school lopen, kan ik nog steeds zo in mezelf oproepen.
Ik ben een lentekind. Maar houd tegenwoordig van alle seizoenen.
Ze zijn wat grilliger geworden door de klimaatveranderingen. Of door alle experimenten met geo-engineering. Of door allebei. De berekeningen daarover zijn niet eenvoudiger geworden.
Vroeger leefden mensen meer met de natuur en dus ook met de seizoenen.
Daar komen oude gezegdes vandaan zoals
maart roert zijn staart
en
april doet wat hij wil.
Kousen draag ik nog zelden of nooit. Broekdrager als ik ben geworden, zijn blote benen onder een jurk voor mij tegenwoordig vooral aan de orde bij zomerse temperaturen.
Achter mijn huis staat een Magnolia.
Sedert die daar op mijn 50e verjaardag geplant werd, heeft de mooie boom de gewoonte ontwikkeld om bijna elk jaar zijn eerste bloem te openen op mijn jaardag. Het cadeau ontroert me telkens weer en het aanschouwen van die eerste bloem vult mijn hart met dankbaarheid, ook als het een keer een dagje later is.
Voor mij begint de lente als de Magnolia bloeit.

20150411_094942

Helden

Zal ik mijn telefoon meenemen? vroeg ik me vanmorgen af toen ik op het punt stond mijn ‘leenhond’ naar huis te brengen. Hardleers als ik ben deed ik het niet. Geen gedachte komt voor niets bij je op weet ik en toch negeer ik de ingevingen nog steeds af en toe.
Aangekomen bij de Rembrandtkade had ik al spijt. Midden op het ijs zag ik een jonge man op zijn knieën zitten. Met een ijspriem was hij bezig een cirkel te hakken rond een vogel die daar vastgevroren zat.
“Oh wat goed!” riep ik hem toe. “Je bent een held!”
Hij wimpelde het compliment weg.
Ik dacht aan mijn Facebookvriendinnetje die graag filmpjes plaatst van dit soort helden die dieren redden. Als ik zo’n filmpje tegenkom, deel ik hem steevast met haar. Als ik mijn telefoon bij me had, zou ik een prachtig filmpje kunnen maken. Maar de jonge man was blij dat ik dat niet kan.
“Ik heb een hond bij me dus kan beter niet dichterbij komen, maar kan je wel helpen door een steen te zoeken of zo,” was mijn povere hulpaanbod.
“Ik denk dat het wel gaat lukken,” zei de held.
Het ijs was behoorlijk dik dus het kostte nog wel wat moeite. Vermoedelijk was de man speciaal thuis de ijspriem gaan halen en ook zijn handschoenen van een dik soort plastic leken speciaal voor de klus gemaakt. Uiteindelijk kon hij met die handschoenen in het water en de vogel met het uitgehakte ijs optillen en meenemen. Naar zijn huis vermoed ik waar hij ongetwijfeld goed voor haar zal zorgen (als ik het goed heb gezien voor zover dat gaat met zo’n steeds fladderend dier, was het een vrouwtjes merel). Toen hij met het diertje wegliep zag ik hem geruststellend zijn hand erop leggen, zoals hij dat ook een paar keer gedaan had tijdens het ijspikken om de vogel een beetje tot rust te brengen.
Ik hoop dat ze het redt, daar waar ze vast zat in het ijs had ik een bloederig stukje gezien.
Als u gaat wandelen in de buurt van bevroren water, neem een ijspik of iets wat daar op lijkt mee als u ook zo’n held wilt worden.
Of uw schaatsen, want dat het ijs dik genoeg is, in ieder geval daar, heeft de vogelredder wel bewezen.