Mooi he

Ze is die dag op de kop af 16 maanden jong. Lopen doet ze nog niet los, maar communicatie heeft al haar aandacht en ze is er voorlijk mee.
We bezoeken een speeltuin die meedoet aan de mode van constructies van waterbassins en pompen waar in combinatie met zand eindeloos speelplezier te beleven valt. De installatie in deze speeltuin is gigantisch. Ik bedien een van de pompen en zij loopt heen en weer langs een vier meter lange waterbaan om aan beide zijden daarvan met haar handje het water op te vangen.
Een paar keer komen er jongens even pompen, spelen, pluggen in en uit bassins doen. 6, 7 jaar zijn ze en mijn kleindochtertje vindt ze heel interessant. Als ze haar passeren zegt ze wat tegen ze, maar ze hebben geen aandacht voor zo’n dreumes met een taaltje dat ze niet goed verstaan.
Er is ook een jongen die alleen speelt. Met een plug in het bovenste bassins stopt hij het water dat richting mijn kleindochter loopt. Ze vindt het niet erg. Ze kijkt gebiologeerd toe hoe hij het water via een andere waterbaan naar een schoepenrad leidt dat er door gaat draaien. Bij het weggaan passeert hij haar, ze zegt wat tegen hem, maar ook hij negeert haar. Ze kijkt heel beteuterd.
“Zal ik weer gaan pompen?” vraag ik . “Ja!” zegt ze blij en daar gaan we weer door met hetzelfde spelletje van heen en weer lopen en haar handje onder de straaltjes houden.
Dan komt de jongen met de bril weer terug. Mijn kleindochter ziet hem aankomen, gaat op haar hurken en neemt met kikkersprongetjes een supersnelle spurt naar het schoepenrad. Ze gaat er pal naast zo rechtop mogelijk zitten, wacht tot de jongen in de buurt is en steekt dan haar vingertje uit naar het schoepenrad en zegt luid en duidelijk “Mooi he?!”
“Ja!” zegt de jongen.
Stralende lach op het gezicht van mijn kleindochter. Het is haar gelukt contact te maken.

Ik vertelde dit voorval aan vrienden waarvan er natuurlijk weer een paar begonnen over ‘nieuwetijdskinderen’.
De kinderen van nu zijn wellicht slimmer dan de kinderen van vorige generaties, maar vermoedelijk is dat door de eeuwen heen het geval. We worden steeds slimmer, we weten steeds meer. Er is zelfs een evolutietheorie over, de wet van Haeckel: de ontogenie is een herhaling van de fylogenie.
En sommige kinderen zijn op sommige vlakken extra slim. Ook mijn dochter was snel met haar taalontwikkeling. Toen die nog geen twee jaar was, zong ze al tien sinterklaasliedjes helemaal perfect.
We woonden in een schakelflat en hadden samen met nog vier andere flatwoningen de beschikking over een grote woonhal. Volgens de verhuurder pasten wij qua profiel niet zo goed bij de andere gebruikers van die woonhal, maar ik vond het al geweldig dat er nog twee gezinnen jonge kinderen hadden.
Mijn dochtertje kwam op een dag huilend terug van de woonhal die we tot een soort speelhal hadden bestempeld en waar ze met de buurkinderen gespeeld had. Ze zei letterlijk: “Mam, ze leven in een heel andere wereld als ik, maar daarom kan je toch wel aardig voor elkaar zijn?!”
2 jaar en vier maanden jong.
Daar is deze dreumes van 1 jaar en 4 maanden een waardige dochter van.

(Voedsel)veiligheid

Sedert 9/11 is veiligheid HET woord waarmee overheden en andere instanties ons van alles door de strot duwen. Allerlei maatregelen zijn voor onze veiligheid en daar moeten we het verlies van privacy maar bij op de koop toe nemen.
Het woord veiligheid wordt ook steeds meer gekoppeld aan andere begrippen.
Zoals voedselveiligheid.
Als consument zijn we zelf voor een groot deel verantwoordelijk voor onze voedselveiligheid, las ik recent in een groot krantenartikel. Doordat wij als consument alles goedkoop willen, zouden er veel grotere risico’s worden genomen dan als we meer zouden willen betalen volgens dat artikel.
Zo worden we stap voor stap gemasseerd om meer geld aan voedsel te gaan uitgeven. Maar het is natuurlijk lariekoek.

Even los van de discussie of het beetje fipronil in de eieren alle commotie rechtvaardigt of niet, het luizenbestrijdingsmiddel werd ook gebruikt door kippenboeren die biologisch op hun verpakking mogen zetten. Of vrije uitloop eieren. Dat bestrijdingsmiddel had het predikaat ‘natuurlijk’ tot een Belgische firma bedacht fipronil aan het middel toe te voegen. Die firma heeft veel op haar geweten dat moge duidelijk zijn, maar hoe ‘natuurlijk’ was het middel zonder fipronil eigenlijk? Kamille is ook een natuurlijk middel, maar als je daar veel van binnen krijgt is het ook schadelijk. Ik vraag me af hoe biologisch zo’n boer nou eigenlijk is die 100.000 kippen in een schuur heeft zitten met een stuk grond erbij waar de kippen naar kunnen uitlopen en die van tijd tot tijd stallen en dieren met een middel bestuift of besproeit tegen ziektes en ongedierte?
De grootschaligheid is het probleem en de grootschaligheid wordt enerzijds in de hand gewerkt door de almaar toenemende overbevolking en anderzijds omdat geld de god van deze tijd is.

Nu steeds meer mensen voedsel dat uit fabrieken komt wantrouwen, wordt er de ene na de andere publicatie geschreven die dat wantrouwen probeert te weerleggen. Dan ligt voedselveiligheid ineens niet meer bij dat we goedkoop voedsel proberen te kopen, maar moeten we gewoon meer vertrouwen hebben in de door de EU goedgekeurde voedseladditieven. Bijvoorbeeld.
Ik vond deze omschrijving bij E407:
“e-nummer 407, ook wel Carrageen, is geen goed en geen slecht e-nummer. Het is een natuurlijk verdikkingsmiddel en er is geen eenduidig beeld van schadelijkheid. Bij grote inname zou het kunnen leiden tot darmstoornissen, allergieën en verminderde opname van mineralen.” Wat een zin: “geen eenduidig beeld van schadelijkheid”.
Carrageen schijnt gemaakt te worden van wieren, maar waarom worden die dan niet gebruikt om te verdikken? De voedselindustrie lijkt steeds meer op een chemische fabriek waar planten uit elkaar worden gerafeld en als kleine stofjes met onuitspreekbare namen aan ons voedsel worden toegevoegd.
Dan gaat het ineens niet meer om dat de consument te goedkoop voedsel wil of dat we meer vertrouwen moeten hebben in de EU, maar om de winstmaximalisatie van de fabrikant.

Ook mensen krijgen allerlei middeltjes tegen ziekten toegediend. Het woord vaccinatieveiligheid is vermoedelijk te lang dus roept het RIVM dat een inentingsgraad onder de 95% gevaarlijk is voor de volksgezondheid.
Hoezo? Die entingsstofjes moeten toch zorgen dat degene waar ze bij ingespoten worden immuun wordt voor bepaalde ziekten, daar hebben andere mensen toch niks mee te maken?
Babietjes krijgen tegenwoordig hun eerste inentingen als ze zes (6!) weken oud zijn. Terwijl iedereen weet dat een kind dat nog borstvoeding krijgt allerlei immuunstofjes van de moeder krijgt.
Waarom moet iedereen ingeënt worden tegen rode hond terwijl de ziekte alleen gevaarlijk is voor zwangere vrouwen? Dan hoef je jongetjes er toch niet mee in te enten?
Sommige hulpstoffen van inentingen zijn ronduit dubieus te noemen, er is zelfs kwik aangetroffen! Maar bij de entingen die je kind krijgt op het consultatiebureau worden geen bijsluiters geleverd.
Bij natuurlijke producten zoals gedroogde geneeskrachtige kruiden mag niet meer vermeld worden waar de plant bij kan helpen, en dus ook maar geen bijsluiter bij zulke gevaarlijke producten als vaccins?!
Het aantal auto immuunziekten neemt toe. Artsen van andere disciplines dan de allopathische wijzen al jaren naar de inentingen als mogelijke oorzaak. Veel kinderziekten hadden volgens hen een functie bij de ontwikkeling van het immuunsysteem.
Maar als steeds meer ouders vraagtekens zetten bij deze ontwikkelingen, is er ineens sprake van een onveilige situatie voor de volksgezondheid.

Veiligheid… het is een drogreden geworden om ons van alles door de strot te duwen.

 

Meten is weten

Als je een nieuwe (koel)kast of fornuis of ander meubelstuk wilt kopen, is het altijd wel handig om de plek op te meten waar die moet komen te staan. Je oog kan het wellicht wel schatten, maar je zal maar een centimetertje tekort komen.
Als je een recept gebruikt om iets lekkers te koken, ontkom je niet aan het gebruik van een weegschaal. Sommige recepten leunen zelfs zo nauw dat een gram (gist bijv.) teveel al zorgt voor een niet goed gelukt bakproduct.
Wie zelf iets gaat bouwen kan ook zijn meetlint en waterpas niet vergeten, want meten is weten. Niks mis mee, supernuttig zelfs.
Maar er is nog een andere manier van meten die me echt de neus uitkomt.

Heb je online een ticket gekocht voor een concert, krijg je na afloop een mailtje hoe het je bevallen is. En de service, en het gebouw? En was de toiletjuffrouw aardig? En hoe was je eigenlijk op de hoogte geraakt van dat concert?
Had je lekker gegeten met hulp van Iens en de AH spaarkaartactie? Wil je even een review schrijven a.u.b.. Hoe was de bediening, het voedsel, de aankleding?
Gisteren heb je die callcentermedewerker van je ziektekostenverzekeraar gesproken, Hoe vond je dat die je behandelde?
“Dit gesprek wordt opgenomen voor trainingsdoeleinden.”
“Blijft u na het gesprek even aan de lijn alstublieft dan kunnen we u een paar vragen stellen.”
“Wij danken u voor dit gesprek, maar we moeten u even attent maken op het bel me niet register.”
“Wilt u niet dat we uw nummer gebruiken, gaat u dan naar die website”, waarna je natuurlijk juist vaker gebeld wordt.
Hoe bevalt je vuilnisman? Je bakker? Je nieuwe schoenen? Is die jurk nog steeds heel en vind je het goed dat we de verkoopster minder gaan betalen?
Log je uit bij je bank wil die weten of er in je buurt meer of minder huizen te koop staan dan vorige maand. En of je denkt dat je dit jaar meer of minder of evenveel als vorig jaar gaat verdienen, of er meer of minder werklozen bij je in de buurt wonen.
Bel je de gemeente over lawaaioverlast na 22:00 uur bij de vuilcontainer voor je deur, moet je daarna een hele enquête invullen over de aard van de klacht.
“Nee meneer, uw vraag kunnen we we niet beantwoorden zonder dat u ons online formulier heeft ingevuld. Oh heeft u geen internet? Dan sturen we u een formulier toe.”
Bij de verloskundige word je gevraagd of je van plan bent nog meer kinderen te nemen en het zuigelingenbureau wil precies weten waarom je een vaccinatie weigert.

De lijst van meten en weten is eindeloos. Gelukkig kun je veel van die enquêtes nog weigeren. Maar het kost je wel steeds tijd en ergernis.
En het wordt steeds moeilijker om dingen te weigeren.
Acceptgiro’s krijg je alleen nog als je niet automatisch betaalt maar dat kost je wel euro’s meer per betaalperiode.

We willen geen chip in onze arm maar veel verschil zou die al niet meer maken, want met al die vragen, je online gedrag, je ov-chipkaart en natuurlijk je mobieltje kunnen allerlei instanties van alles over je te weten komen en nagaan waar je bent of was.
Als het aan de banken en overheden ligt, gaan we zo spoedig mogelijk over op niet meer contant kunnen betalen.
Er wordt gesproken over vaccinatieplicht nu steeds meer ouders weigeren om hun kind met allerlei twijfelachtige (hulp)stoffen te laten inenten.
Ons zelfbeschikkingsrecht staat op de tocht.

Honden adopteren

De dierenbescherming adverteert momenteel met tv spotjes over de oudere honden in de asiels.
Ik zou er zo een uitkiezen, ware het niet dat ik opzie tegen de dierenartskosten die toch snel aan de orde kunnen zijn als je een oudere hond opneemt. Ik vermoed dat meer hondenliefhebbers dat probleem hebben. Mensen nemen eerder een jongere hond uit het buitenland dan een oudere hond uit een Nederlands asiel.
Zo’n 200 stichtingen houden zich bezig met de opvang van zwerfhonden in het buitenland, het grootste deel daarvan houdt zich daadwerkelijk bezig met adoptie van honden.
Een dier uit het buitenland adopteren doe je vooral omdat het leed van een dier je emotioneert, omdat je wilt helpen, naast natuurlijk het fijn vinden om een hond te hebben.
Maar er zijn genoeg honden in Nederland die om een baasje verlegen zitten. Er komen alleen al elk jaar zo’n 25.000 dieren terecht in de Nederlandse asiels… Er worden meer dan 10.000 honden per jaar uit het buitenland gehaald, bijna net zoveel dus als er in de asiels zitten.
Sommige asiels melden periodes te kennen dat ze te weinig aanbod hebben om aan de vraag te voldoen. Dat zou het adopteren van een zwerfhond uit het buitenland rechtvaardigen. Maar er zitten andere periodes echt veel honden lang in asiels op een baasje te wachten.
De dierenbescherming is niet zo’n voorstander van zwerfhonden uit het buitenland hierheen halen, o.a. omdat de situatie voor honden in die landen er niet door verbetert. In tegendeel, het werkt het fokken van hondjes, vaak onder erbarmelijke omstandigheden, in de hand.

Momenteel logeert er een voormalig zwerfhondje uit Bulgarije bij mij. In huis een gigantische lieverd, buiten voor mij ook, maar daar heeft ze een gebruiksaanwijzing. Maar die is te hanteren, vooral als je de lichaamstaal van honden goed kent. Juist zwerfhonden hebben die meestal goed ontwikkeld, in tegenstelling tot sommige doorgefokte Nederlandse knuffelhonden.
Van mij zou ze altijd mogen blijven, maar uiteraard moet ze weer terug naar haar eigen baasje, over drie weken al. In de tussentijd is het genieten geblazen. Sedert het gedwongen vertrek van mijn vorige hond (o.a. deze column ging daarover) is het leeg in huis en wandel ik beduidend minder wat niet goed blijkt te zijn voor de beenspieren in mijn ouder wordende lijf.
Ik ga me eens buigen over oplossingen voor dierenartskosten.
Ik ga zeker bij het asiel in de buurt kijken. Juist in deze tijd van het jaar zijn er nog steeds malloten die hun hond stiekem over de hekken bij asiels zetten om met vakantie te gaan, altijd nog iets minder erg dan je hond zomaar ergens vastbinden. Misdadigers vind ik dat.
Ik sprak recent iemand die in korte tijd 5 verschillende honden in huis had. Zijn vrouw wilde per se een hond. En per se een pup. Maar na een paar maanden was er toch geen klik, vond de vrouw. Ze ging duidelijk voor het uiterlijk en snoezigheid van puppies, maar van opvoeden kwam niks terecht. Hij werkte te hard om er tijd voor te hebben, zij had er duidelijk geen kaas van gegeten. De man is nu bezig van haar te scheiden. Ik hoop dat ze daardoor ook geen geld meer zal hebben om puppies te kopen…

Een hond is geen gebruiksvoorwerp. Wie overweegt er eentje in huis te nemen, zal allereerst zeker moeten zijn van voldoende tijd om te trainen en de hond van beweging te voorzien. (ook kleine hondjes hebben veel beweging nodig!) We hebben het hierbij toch al gauw over minimaal twee uur per dag.
Je dient je goed te oriënteren op wat voor type hond bij je past (een jachthond bijv. kan maar op weinig plaatsen in de natuur los), er zijn grote verschillen in vachtonderhoud, realiseer je dat elke hond zorgt voor meer huishoudelijk werk en je dient bereid te zijn om veel te leren, zelf en met je hond. Met veel liefde en aandacht heb je aan elke hond die bij jou en je omstandigheden past een maatje voor het leven. Althans, zijn of haar leven…

  

Voor geïnteresseerden: Goed artikel over buitenlandse zwerfhonden in de NRC van 5 mei j.l.

Geen zoethoudertjes

“A basic principle of modern state capitalism is that cost and risk are socialized, while profit is privatized”; een uitspraak die wordt toegeschreven aan de nu 88-jarige Noam Chomsky.
Zelden heb ik in éen zin zo krachtig de huidige problematiek in de wereld zien samengevat.
Sedert een paar weken heb ik weer elke dag een papieren krant in de bus. Tijdelijk. U kent ze wel die aanbiedingen. Als de maand om is val ik weer terug op alleen een papieren krant in het weekend en verder digitale toegang.
Eerlijk: een papieren krant leest makkelijker en ik lees weer meer. Ideaal in deze zomerperiode. Lekker met mijn krantje in de zon. Maar toch zal ik blij zijn als deze maand voorbij is. Want het is gewoon niet prettig meer om elke dag de krant te lezen.
Zo’n beetje elke tweede pagina lees je de meest verschrikkelijke zaken waar corruptie en leugens de rode draad in vormen.
Naar mijn idee heeft de wereld nog nooit zo van leugens en bedrog aan elkaar gehangen. De malloten die nu op allerlei plekken in de wereld de macht hebben maken het plaatje compleet. Nog nooit is macht zo openlijk corrupt geweest met natuurlijk als absolute koploper Trump.
Er zijn steeds meer mensen die voorspellen dat deze machtsbeluste gek een derde wereldoorlog zal ontketenen. Zo ver gezocht is dat niet eens. Ik zag een animatie in een aflevering van Jinek, waarbij de kop van Trump op het lijf van allerlei vechtjassen was gemonteerd. De makers moeten geen enkele moeite hebben gehad de agressieve krijgszuchtige gelaatsuitdrukkingen te vinden die bij de figuurtjes pasten. Alleen dat al is verontrustend.
Er zijn ook andere voorspellers. Iets positiever misschien. Die vinden dat de wereld dit soort malloten nodig heeft om de wereldbevolking wakker te schudden.
Maar diezelfde wereldbevolking heeft steeds meer problemen met de democratie die op steeds meer plaatsen in de wereld een schijnvertoning is geworden.
Waar het ene land luistert naar een raadgevend referendum en een keuze maakt die op de keper beschouwd slechts door een minderheid gedragen wordt en daar chaos door uitbreekt, houdt een ander land schijnverkiezingen waarbij de bevolking totaal genegeerd en besodemieterd wordt.
Het resultaat verschilt nauwelijks: conservatieve rechtse machthebbers voeren hun plannen uit, ongeacht wat het volk daarvan vindt.
Ondertussen missen wij paradoxaal genoeg het koningshuis bij het vormen van een nieuwe regering en houdt de tweede kamer vast aan een gebruik dat de grootste partij de leiding neemt bij de formatie van een nieuwe regering. Een open manier van de problematiek bekijken is er niet bij, want in feite regeert ook hier nu al jarenlang rechts met alle gevolgen van dien.
De linkse partijen trappen ondertussen in uiteenlopende valkuilen. Jesse Klaver heeft allerlei technieken van leiders aan de overkant van de oceaan bestudeerd en acteert pluchegeil en de rest van de linkse politici praten net als de rechtse vooral in oneliners. Ons volkje ondertussen praat ook steeds meer in statements, je bent voor of tegen iets en de verbinding zoeken wordt steeds minder usance.
De jarenlange tactiek van angst aanpraten die vooral sedert 9/11 wereldwijd wordt toegepast, al dan niet met nepnieuws en propaganda trucs, begint te werken, mensen zijn steeds banger voor elkaar en in de socia media praten mensen vooral met gelijkgestemden.
In de zestiger en zeventiger jaren werd ik vaak uitgelachen als ik mijn zorgen uitte over de opmars van studierichtingen als psychologie, sociologie en massacommunicatie. Persoonlijk vind ik dit de meest interessante studierichtingen, maar hun toepassingen in o.a. marketingtechnieken, bedrijfskunde en de media baarde me in de hippietijd al zorgen.
Er zijn mensen die de film de Matrix van toepassing verklaren op de moderne werkelijkheid van onze samenleving. Zo vreemd is dat niet.
We worden bespeeld. We worden voor de gek gehouden. We worden voorgelogen. Over voedsel, gezondheidszorg, economie, werk, scholing, oorlog en vrede. Waarover niet?
Het wordt tijd dat we de Matrix van ons afschudden en wakker worden.
In stilte.
Wie wakker wil worden doet er goed aan zoveel mogelijk vers voedsel te eten en te beginnen met alle suiker vermijden. Suiker, dat in onvoorstelbaar veel producten zit, heet niet voor niets een ‘zoethoudertje’, je vermogen om helder te denken wordt er fiks door beinvloed.
Laat je niet zoet houden.  We hebben als volk nog steeds een machtig instrument: niet meer meedoen, en zeker niet als koopvee.  Als we niet meer meedoen, verliezen die rijke manipulatoren hun macht.

Familiefoto

Als ik tegenwoordig foto’s zie van steden overal in de wereld, valt me steeds meer op hoeveel ruimte zo’n stad in beslag neemt. In mijn jonge jaren was Londen al zo groot als de provincie Utrecht, nu is Londen een onafzienbare hoeveelheid bebouwing. Steden die eerst in een vallei of een baai lagen, liggen nu ook tegen de hellingen op en verder. Hellingen zijn soms volledig afgegraven.
In het Turkse Cappadocië zag ik steden die allemaal jonger leken dan tien jaar. In Kayseri en Nevsehir zag ik vrijwel uitsluitend hoogbouw. Turkije lijkt vast besloten de bevolkings- en stedengroei op die manier op te vangen. In China is de soms eeuwenoude laagbouw in de meeste steden al vervangen door torenflats. En ook in ons land neemt de hoogbouw toe al lijken we vooreerst alle kantoren en aanverwanten in hoge gebouwen te hebben gestopt. In nieuwbouwwijken zoals Houten en de vinexlokatie Leidsche Rijn in Utrecht vind je veel nieuwe laagbouw, maar vaak vernuftig samengebouwd met appartementencomplexen van 3 of meer woonlagen.

“Dan maar de lucht in” heeft een nieuwe betekenis gekregen. We zullen wel moeten als we nog wat groen over willen houden op de wereld.
Of.. we zouden het bewustzijn moeten hebben dat we een eind moeten maken aan de bevolkingsgroei. Maar hoe doe je dat? De éenkindspolitiek van China is alweer jaren verlaten en in islamitische landen wordt net zoals vroeger hier door elkaar beconcurrerende pastoors en dominees, aangemoedigd om veel kinderen te krijgen.
De economie is gebaseerd op groei die in feite nog uitsluitend te realiseren valt door bevolkingsaanwas.

Terwijl steeds meer filosofen, spirituele goeroes en andere weldenkers van de meest uiteenlopende pluimage tot ruimtevaarders zoals André Kuipers toe, pleidooien houden om de aanwas van de diersoort mens te stoppen, gaat de bevolkingsgroei in steeds hoger tempo door.
Hoe dat kan?

Deze bijna 40 jaar oude familiefoto ter illustratie:

Familiefoto

Welke familie heeft zo’n foto niet? In dit geval is de padre familias al overleden , maar de madre familias zit zoals gebruikelijk pontificaal in het midden. Tijdens haar leven heeft ze deze familie zien ontstaan en groeien. Van deze familie waren ‘maar’ 4 generaties in leven. Nu we steeds ouder worden is 5 niet ongebruikelijk.
De madre familias op deze foto begon met drie eigen kinderen. Maar zelfs al zou elke vrouw die kinderen wil niet meer dan twee kinderen baren, dan zou zo’n familiefoto er nauwelijks anders uitzien inclusief het gegeven dat er steeds meer vrouwen geen kinderen baren.

Vorige week zag ik een documentaire over de mug. Volgens specialisten gaat dat diertje voor grote rampen zorgen. Vermoedelijk bedenkt Moeder Aarde nog wel meer dingen om de plaag van het enige roofdier zonder ernstige vijanden te stuiten. En ondertussen is dat roofdier ook nog steeds zelf zijn ergste vijand, getuige de grote hoeveelheid oorlogen in de wereld…

.

.

.

p.s. wie als eerste, mij nooit ontmoet hebbende, raadt wie op de foto ik ben, trakteer ik op koffie met gebak 😉

 

 

.

Poes

Op mijn balkon-op-de-begane-grond wilde ik mijn badlakengroot grasveldje vernieuwen. De diverse honden hadden met hun graafpartijen het mini-veldje behoorlijk bobbelig weten te krijgen, tijd dus om nu er geen huisdieren meer bij me wonen het grasveldje weer prettig ligbaar te maken. Ik had de grond vroeg in het voorjaar omgespit, geëgaliseerd, gevoed en het wachten was op het stijgen van de temperatuur zodat het zinnig was om het gras te zaaien. Het koude voorjaar deed dat telkens weer uitstellen, maar uiteindelijk besloot ik half april toch gras in te zaaien.
Te vroeg bleek. Niet alleen vanwege de temperatuur die nog steeds onder de ontkiemtemperatuur van 13 graden bleef, maar omdat inmiddels een mij tot dan toe onbekende poes uit de buurt besloten had mijn mini-tuintje als kattenbak te benutten.
Het veldje opnieuw geëgaliseerd, bij gezaaid, laken erover gelegd. De volgende dag vond ik een dood muisje op het laken. Die had zich overeten aan het graszaad dacht ik, net als het muisje dat ik na de eerste keer zaaien op het plaatsje had gevonden.
Omdat het koud bleef en het zaad begon uit te drogen onder het laken, verving ik het laken door kippengaas. Eindelijk, kort voor ik met vakantie zou gaan, begon het gras te ontkiemen.
Om te voorkomen dat het gras door het gaas zou groeien met alle problemen vandien, vroeg ik mijn buurman een beetje te helpen met de wit-zwarte poes weg te jagen en verwijderde het gaas.
Vanaf mijn vakantieverblijf appte ik buurman een foto van het prachtige uitzicht vanaf het dakterras. Hij stuurde een foto terug met “uitzicht vanaf mijn tuinterras”. Het was hem kennelijk goed gelukt de poes weg te houden zag ik aan het weelderige groen op mijn grasveldje.
Weer thuis bleek de poes toch het grasveldje wat kleiner te hebben gemaakt, maar dat was overkomelijk. Mijn plaatsje en minituintje waren kennelijk haar favoriete plaatsen om te zonnen respectievelijk in de schaduw te liggen. Ik zag haar elke dag. Ik begon haar steeds sympathieker te vinden, gaf haar af en toe een brokje als ze zich door mij had laten weerhouden haar behoefte in mijn tuintje te doen en daarna op een andere plek was gaan liggen.
Nog steeds weet ik noch mijn buurman waar de poes eigenlijk woont en buurman bleef haar ijverig wegjagen, ook nu het voor mijn gras niet meer nodig was.
Ik liet het maar zo, tenslotte woont de poes elders en kan ik me voorstellen dat ook buurman in zijn strookjes grond geen kattendrollen wil hebben.
Toch werd poes steeds vertrouwder. Een paar dagen geleden hoorde ik de magneetjes van mijn hor even klikken en bleek ze ondanks dat hor brutaalweg naar binnen gelopen. Maar aaien mag ik haar nog steeds niet.
Ook dat vind ik best zo. Anders ga ik nog aan haar hechten… Maar ik vroeg me wel steeds af: Komt poes nou voor mij of voor mijn huis?
De afgelopen week vond ik twee keer een dood veldmuisje op mijn nieuwe grasveldje.
Ik begon iets te vermoeden.
En ja hoor, afgelopen weekend zag ik poes bezig met een muisje vangen.
Ik heb buurman weer geappt:

“Ik ben van gedachten veranderd t.a.v. de wit met zwarte poes: ze blijkt een puike muizenvanger (…) Heel nuttig dus”.
Buurman stuurde een opgestoken duim terug.

Nu ik weet dat het noch om mij noch om mijn huis maar om haar jachtgebied gaat, wil ik helemaal graag weten waar de poes eigenlijk woont.
Want dat laatste muisje… daar speelde ze wel erg lang mee… na een kwartier waarin poes steeds muis weer even liet ontsnappen kon ik het niet meer aanzien.
Misschien kunnen die buurtgenoten waar ze woont poes ietsje minder voer geven?