Yoga

Veertig jaar geleden kreeg ik mijn eerste les in yoga en meditatie van Rita Beintema. Ze noemde het geen meditatie, maar stilzitten. Na de eerste keer stilzitten realiseerde ik me dat ik zoiets spontaan al vaker deed, alleen nooit zo lang.

Bij de derde les zag ik mezelf ineens als een stipje beneden zitten. Het was even opletten om niet in het vliegtuig te stappen 😉

Ik memoreer vaak een uitleg van Rita n.a.v. het stilzitten:

“Gedachten zijn als een trein.
Het is nu misschien nog een sneltrein
Maar als je zelf op het perron blijft staan en je observeert de trein
zul je merken dat de trein steeds langzamer gaat rijden
En kun je steeds beter elke wagon waarnemen.
Een gedachte is als een wagon.
De kunst is om niet in te stappen”

Een aantal jaren later kreeg ik yogales van Engelse Sheila. Gewoon, in het buurthuis. We deden elke week de ‘zonnegroet’ en de volgende dag had ik vreemde spierpijnen, vooral in mijn heupen en bovenbenen. Ook elke week.

“Nou Marja, dan is het nu kiezen,” zei Sheila. “Of je accepteert dat je vanaf nu langzaam stijver wordt, of je gaat elke dag yoga doen.” Ik was pas 35 en vond de keuze niet moeilijk. Een half jaar later vroeg Sheila of ik haar bij een les in een andere groep kon vervangen. De vervangingen werden de basis voor latere yogalessen die ik zelf aan kleine groepjes heb gegeven.

Ik volgde ook een aantal meditatiecursussen bij wat toen nog heette “The Friends of the Western Buddhist Order” (Nu Triratna Buddhist Community). Van Vasjragita leerde ik o.a. de metta bhavana meditatie. Ik heb nog een paar keer meegedaan aan yoga- en meditatiegroepjes. Eentje maar éen keer, de yogalessen leken er op gymnastiek. Een seizoen raja yoga heeft aan mijn eigen dagelijkse oefeningen wel een paar waardevolle asana’s kunnen toevoegen.

Van vrienden die vipassana retraites deden, leerde ik de volgorde om de dingen aan te gaan gaan; waarnemen, benoemen, accepteren en loslaten.

Goede leermeesters leren je hoe je eerlijk omgaat met jezelf, met emoties (ook een gedachte) en met de wereld om ons heen.

Uiteindelijk heb ik het meest geleerd via mijn eigen dagelijkse discipline. En van ontelbare mensen die op mijn pad kwamen en elk op hun eigen manier wat te leren hadden. Mijn grootste leermeester is niet in de stof, dat wist ik al vijftig jaar, maar wie het is werd vorige week zowaar bevestigd.

Vanmorgen zat ik zoals gebruikelijk voor de aanvang van mijn dagelijkse yoga op mijn hometrainer. In mijn hoofd al sinds gisteren Euphoria, de song die in 2012 één werd bij het Eurovisie songfestival. Ik besloot het nummer op mijn smartphone en bluetooth speaker op te zetten in de uitvoering van Floor Jansen.

En nog een keer en nog een keer in de uitvoering van Loreen met lyrics zodat ik eindelijk begreep waar het nummer over gaat. Tranen van vreugde en liefde stroomden over mijn wangen, beroerden mijn hele wezen.

Ik heb wat te vieren vandaag. Niet dat ik veertig jaar bewust beweeg met yoga en mediteer, want 40 is ook maar een getal.

Ik vier in het diepst van mijn hart dat ik mag zijn wie ik ben. Daar ben ik zo dankbaar gelukkig ontroerd om.

Sterfelijkheid

Met je verstand weet je natuurlijk, ooit ga je dood.
Maar kun je je daar wat bij voorstellen?
Kun je je echt voorstellen dat je er op een dag niet meer bent?
Voor je gevoel ben je er, oneindig.
Hoe meer je in het hier en nu leeft, hoe sterker dat gevoel lijkt te zijn.
Spiritueel georiënteerde mensen denken dat het komt omdat je in wezen ook onsterfelijk bent. Je ziel, je goddelijke vonk, hoe je het ook noemt, leeft voort en aangezien dat de wezenlijke motor van je bestaan is, voel je je zelf onsterfelijk.
Het is een mooie verklaring die ik graag wil geloven.
Maar als ik doodzieke mensen zie vastklampen aan het leven ga ik daar behoorlijk aan twijfelen.
Ik behoor tot de leeftijdscategorie waarbij het wegvallen van mensen waar je een groot deel van je leven mee optrok vaak voorkomt. Ik zie en hoor dus nogal eens van alles over die doodstrijd. Vooral bij mensen die ‘de’ diagnose krijgen. Dat zijn de meesten, want inmiddels gaat een op de drie Nederlanders dood aan kanker.
De eerste reactie is vaak ongeloof. Ineens blijk je toch echt sterfelijk.
Gisteren belde weer een vriend dat hij slecht nieuws had.
In december begon hij voor het eerst ergens pijn te krijgen en de afgelopen drie weken was hij voor allerlei onderzoeken 12 keer in het ziekenhuis. Morgen komt de uitslag, maar eigenlijk weet hij die al, want op een MRI-scan waren op zijn hele lichaam ‘vlekken’ te zien.
Voor hem geen chemo’s en bestralingen, daar gelooft hij niet in. Maar hij slikt o.a. speciaal geconcentreerde kurkuma en gaat proberen zoveel mogelijk van de laatste fase van zijn leven te genieten. Zijn stem klonk broos, hij kan het nog nauwelijks geloven en.. heeft al morfine.
Ik op mijn beurt kan nauwelijks geloven dat ik hem binnenkort vermoedelijk voor de laatste keer ga zien.

Wie nog gelooft dat kanker een ziekte is die tussen de oren ontstaat zou ik willen wijzen op dat Nederland behoort tot de landen met de meeste kankersterfte binnen Europa. De helende reis van Brandon Bays wordt daarmee een weg die voor kanker bijna niet meer opgaat. Het tempo waarmee in Nederland de ziekte zich vaak ontwikkelt sluit het helen door zo’n innerlijke reis meestal uit.
Onze lucht is vuil, ons water is vuil, ons voedsel deugt niet en het barst van de straling!
Waarom protesteren we daar zo weinig tegen? Op de oude manier of op de nieuwe liefdevolle manier?

Misschien dat je eerst ziek moet worden om te geloven dat je dood gaat.
Misschien moet je eerst ervaren dat je aan kanker doodgaat voor je begrijpt hoe vervuild onze leefwereld is.
Als dat al zo moeilijk is, wordt ook begrijpelijk waarom we zo gelaten reageren op de klimaatverandering en andere grote rampen in de wereld ten gevolge van hoe we omgaan met ons leefklimaat.
Ik zie steeds vaker al dan niet wetenschappelijk onderbouwde artikelen die proberen uit te leggen dat onze hersenen niet geschikt zijn voor bewustzijn van gevolgen op de lange termijn. We kunnen ons niet zodanig een voorstelling maken van rampen die over tien of nog meer jaar kunnen gaan plaatsvinden dat we ernaar gaan handelen.
Misschien moeten we eerst grote massale rampen meemaken voor we geloven dat het echt fout gaat…

Mijn zieke vriend zei: “Misschien is het wel goed dat ik nu ga. Dan kan ik als er massale sterfte komt, jullie helpen opvangen.”

Aandacht geven

Vorige week had een van mijn Facebookvrienden een video doorgeplaatst van een man met een Arabische naam. Op de video is te zien hoe een vrouw wordt gekuild, geblinddoekt en vervolgens gestenigd. Ik kon er nauwelijks naar kijken en was hevig ontdaan en verbijsterd. De reacties waren unaniem walgend, maar een aantal vrienden van mijn facebook vriend betwijfelden de authenticiteit van het filmpje.
Dat filmpje ging me al te ver, maar toen een enkeling zelfs beweerde zeker te weten dat het theater was knapte er helemaal iets bij me. Ik plaatste het filmpje door op mijn tijdlijn.
Binnen no time kwamen er verbaasde reacties. Niet zozeer over het filmpje zelf, maar dat ik het op mijn pagina plaatste. Zulke negatieve zaken moet je geen aandacht geven vonden mijn facebook vrienden.
“Alles wat je aandacht geeft groeit,” leerde ik al bij een van mijn eerste yogalessen. Ik ben dan ook een groot voorstander van aandacht geven aan mooie, goede, liefdevolle zaken. Dat filmpje zou ik ’s avonds als ik terug kwam van een verjaardagsviering sowieso verwijderen, want inderdaad, zulke walgelijke dingen heb ik ook liever niet op mijn ‘tijdlijn’ staan.
Op het verjaardagspartijtje bleek nog iemand mijn facebook pagina te hebben gezien: “Wat doe je me nou aan op mijn verjaardag!? Moest ik nou echt zoiets walgelijks op mijn nuchtere maag voorgeschoteld krijgen?!!” vroeg de jarige.
De andere aanwezigen wilden natuurlijk weten wat ik had gedaan.
“Jemig!” zei de zus van de jarige. “Ben jij wel helemaal goed bij je hoofd?! Je plaatst toch geen snuff movie?!!!”
“Rustig maar, ik was al van plan het te verwijderen als ik weer thuis ben.”
“Hoe eerder hoe beter! Je wilt zulke walgelijke lui toch niet veel hits bezorgen?!”

Ik heb op de pc van de jarige het filmpje verwijderd en daarbij o.a. geschreven:
Laten we vooral niet vergeten dat dit echt gebeurt (…), maar ik wil het niemand meer aandoen dit te zien.
Laten we focussen op wat goed is in de wereld, maar niet vergeten onze mond open te doen tegen dit soort walgelijk onrecht.

De hits en likes op Internet hebben gezorgd voor een bewustzijnsontwikkeling waar yoga- en meditatiedocenten met hun gedachtegoed over energie en aandacht niet van hadden durven dromen.