Daar praten we niet over

Ruben Jacobs vergelijkt in een artikel in Brainwash het uit de weg gaan van gesprekken over de dood met hoe we niet met elkaar praten over de klimaatverandering.
Ik hoor niet tot die ‘we’, maar daardoor herken ik ook zo goed de reacties op feestjes e.d. als je begint over hoe de mensheid het leven op aarde verpest, niet alleen voor een groot aantal dieren en insecten, die allen met uitsterven worden bedreigd, maar ook voor onszelf. Ook mensen zijn een diersoort.
Als ik er over begin zijn er altijd mensen die aanhaken en oh wat vinden we het samen erg… Maar doen we meer dan de feestgangers die al snel hun hoofd afwenden, al dan niet na gezegd te hebben dat er toch niets aan te doen is?

Ik weiger te geloven dat er niets meer aan te doen is.
We hebben de zure regen gestopt, freons verboden (die de voornaamste oorzaak waren voor de gaten in de ozonlaag), maar in de stad waar ik woon is de lucht een van de vuilste van Europa en toch wil de regering de snelweg die rond de stad loopt weer eens verbreden.
Actievoerders gaan na 36 jaar op herhaling, toen ook vele bomen werden gekapt voor diezelfde weg. Het bos is al lang geen bos meer, eerder een beetje groot uitgevallen park met boerderijen er omheen. Er wordt lacherig gedaan over die ‘oude knarren die zo nodig moeten’. Omdat de strijd toen door bizarre juridische procedures is verloren?
Waar blijven de protesten van de jongere generaties?
Moeten die te hard werken of zo?
Of geloven die niet in protesten?
Gaan die misschien al uit van een ontwrichte wereld zoals we die in ontelbare science fiction films geschetst hebben gekregen? Die toekomst is dichterbij dan we durven denken…
Recent had ik een lekker ‘youtube’ dagje. Allemaal muziek gezien van de jongere generaties. Ze hebben in de muziek frontmannen en -vrouwen genoeg, van rappers tot leadsingers van bijvoorbeeld Imagine Dragons die zeggen waar het op staat en er wordt massaal bij meegezongen, maar of dat helpt?
Er zijn veel jongeren die met goede ideeën voor de toekomst bezig zijn, maar of een betere toekomst nou echt van technologische oplossingen moet komen?

Het wordt tijd dat de dominantste diersoort op aarde NU haar verantwoordelijkheid neemt. En de verantwoordelijkheid van de soort begint bij het individu!
Begin eens met consuminderen en stop met zaken kopen die slecht zijn voor het milieu bijvoorbeeld omdat ze maar kort meegaan maar waar wel veel energie voor is gebruikt. Koop geen zaken uit China omdat die goedkoop zijn, geen kleding uit India en nee zelfs niet uit Engeland omdat die zo leuk zijn. Koop geen groente die niet lokaal is geteeld. Je hoeft in de winter geen sperziebonen uit Egypte of citrus uit Zuid-Afrika of Israël. Vrachtverkeer is een grootverbruiker van brandstof!
Vliegveld Lelystad zou er niet hoeven komen als er minder vrachtverkeer op Schiphol was en we ons zouden beperken met over de wereld reizen.
Geloof niet meer in de vrije wereldhandel en dito markteconomie.
Goed beschouwd heeft het protectionisme van Trump een milieuvriendelijk kantje 😉
Klaag als consument over slechte kwaliteit bij de leverancier of fabrikant.
Denk niet, het kostte maar een paar euro of ik verdien genoeg om weer een nieuwe te kopen… We produceren met elkaar ongelooflijke hoeveelheden afval. Voor die spullen zijn bomen gekapt of is aardolie gedolven of hebben ovens gebrand enz. enz..
Elke week weer verbaas ik me over wat er voor de vuilnisman klaar staat; spullen die verkocht hadden kunnen worden via Marktplaats, of weggegeven hadden kunnen worden via een weggeeftafel, gratis op te halen sites of recycle winkels.

De klimaatverandering is niet onze enige zorg. Maar er zou nog zo enorm veel ten goede kunnen veranderen in de wereld als we niet zo fatalistisch bezig waren en… wereldwijd niet steeds dommer zouden stemmen.
En ja, praat met elkaar over je zorgen. Vertel elkaar over wat je doet om het milieu te ontlasten.
Na mijn vorige column en die over siliconen in haarproducten heb ik veel persoonlijke reacties gekregen waaruit bleek dat veel vrouwen om me heen al jaren die producten met siliconen vermijden zonder dat er ook maar eentje iets tegen me gezegd had! Ik had jaren eerder met die milieuvijandige en haarbeschadigende troep gestopt als zij me hadden geïnformeerd!

In de zestiger jaren hadden we een slogan:
Verbeter de wereld en begin bij je zelf.
Ik zou een nog ouder gezegde er aan toe willen voegen:
alle beetjes helpen

Advertenties

Shoppen

Op de markt scoor ik een leuke voorjaarsbroek en een vest voor volgende winter voor samen 9 euro. Kennelijk staat die marktkoopman ook op de Utrechtse Bazaar want daar is het plastic tasje van, waar hij het textiel voor me in verpakt.
Je kunt er
‘gezellig shoppen’ lees ik de koeienletters die erbij staan.
Meteen is mijn blijdschap over de gescoorde kleding behoorlijk bekoeld. Ik hou helemaal niet van shoppen!
Ik heb een of twee keer met mijn Griekse vriendin kleding geshopt, waarvan ik het zachtgele katoenen jasje dat ik samen met een bijpassende broek kocht nog steeds kan dragen ondanks maatveranderingen. Met een eveneens overleden andere vriendin ben ik een paar keer ‘gezellig de stad in geweest’, waarbij het er voor haar vooral om ging om relaxed rond te snuffelen bij exotische stalletjes en winkeltjes. Ik heb er nog steeds een klein houten doosje van fijn houtsnijwerk aan overgehouden met een brok amber erin die nu, decennia later, tot poeder begint te vervallen. Hoewel ik die aanschaf nog steeds waardeer, ging het mij meer om de maaltijd in een restaurant waarmee we het ‘gezellig winkelen’ afsloten.
De regenjas die ik kocht tijdens de enige keer dat ik met mijn dochter in Amersfoort ging winkelen heb ik ook nog steeds.

Ik heb dat allemaal zo goed onthouden omdat ik dat normaliter niet doe, winkelen. Ik koop liefst snel en efficiënt en vindt de kleine dinsdagse markt in Hoograven plezierig omdat hij overzichtelijk is, de prijzen er lager zijn dan op de grote weekmarkt in het centrum en ik in de loop der jaren een zekere band heb opgebouwd met de marktkooplieden. Ik blijf het plezierig vinden als ‘mijn’ groenteman zodra ik aan de beurt ben vraagt “5 witte?”, waarmee hij mijn veertiendaagse aanschaf van witte grapefruits bedoelt.
Het is comfortabel dat ‘mijn kaasboer’ precies weet welke kazen ik lekker vind en die feilloos kiest om even van te proeven. En ja, het is ook leuk als de vrouw van ‘mijn’ visboer, zelf een jonge moeder, vraagt hoe het met mijn kleindochter is.
Dat soort dingen maakt boodschappen doen gezellig.
De gezelligheid in de supermarkt moet komen van vrienden en kennissen die ik daar soms tegenkom en dan sta je altijd wel iemand in de weg..

Duurzame zaken zijn bijna niet meer te koop op markten. De aanschaf daarvan wordt meer en meer online gedaan. Dat is behoorlijk efficiënt, ook om kwaliteit en prijzen te kunnen vergelijken.
Toch worden er niet vaak pakketjes bij mij thuis bezorgd.
Om een simpele reden:
ik ben van het Konsuminderen en koop pas iets nieuws als het oude echt versleten is.
Daarom had ik behoorlijk de pest in dat ik bij mijn kaasboer een kaasschaaf moest kopen. De vorige was na vele jaren trouwe dienst van zijn handvat afgebroken. Ik had er daarom een van rvs gekocht bij de bekende huishoudzaak die nog steeds aan het inkrimpen is.
Nou snap ik waarom. Het roestvrije stalen ding ligt nu in de vuilnisbak (metalen vissen ze er toch uit hoop ik bij de afvalverwerking?) want ik kon hem niemand anders aandoen; je kon er absoluut geen recht plakje kaas mee snijden… alleen een soort bobbels..
Ik hoop dat die huishoudzaak iets aan de kwaliteit van de verkochte spullen gaat doen. Die kleine spullen koop je niet makkelijk online.
Maar kopen om weg te gooien is nog erger.

Tegenwoordig wordt Konsuminderen gewoon weer met een C geschreven. Misschien is dat een teken dat het idee erachter breder onderschreven wordt.
Misschien illustreert de leegstand van winkelpanden in de binnensteden niet alleen de toename van online aankopen doen, maar is er ook een teruggang van ‘gezellig’ shoppen…