Nonchalance

Hoe haalt u de kroontjes van de aardbeien? Met een mesje of draait u ze er af met uw vingers?
Als kind zag ik nooit iemand met een mesje de kroontjes eraf halen.
Waren we toen minder bang voor vieze vingers? Of zijn de zo ongeveer industrieel geteelde aardbeien te vaak onrijp waardoor we graag het wit wegsnijden gelijk met het kroontje? Ik zie mijn gasten echter ook mijn prachtige geheel gerijpte smaakvolle aardbeien van eigen teelt toppen. Ik zie dat met lede ogen aan. Met een mesje verdwijnt er heel wat aardbei bij het afval. Gelukkig zijn mijn wormen in de wormentoren er blij mee.

Een tv-kok zag ik van een paprika een hele schijf afsnijden om het kleine steeltje te verwijderen.
Diverse tv-koks zie ik van uien aan twee kanten hele schijven wegsnijden.
In gedachten zie ik Willem de Ridder op de Hitweek/Aloha burelen waar hij ook woonde, bezig een ui te pellen en snijden. Willem verkende in die tijd, eind zestiger jaren, het macrobiotische koken en dat begon duidelijk met alle aandacht voor elk ingrediënt. Na het zorgvuldig pellen en verwijderen van de worteltjes en de harde kern aan de andere kant, sneed hij de ui perfect op de nerven.
Alles wat Willem kookte was zo smaakvol dat het je papillen streelde.
Willem kookte met aandacht en liefde.

Een gast die mij wilde helpen met koken vroeg ik of ze het laatste restje zout uit mijn zoutpot in een zoutvaatje wilde doen. Ik wilde de pot leeg hebben om af te kunnen wassen en weer te vullen met een royale hoeveelheid zout. Het kostte haar duidelijk moeite. Ik vroeg of dat iets met haar reumatische aandoening te maken had, maar ze bekende nooit te pielen met restjes maar het gewoon weg te gooien.
Als zout nou veel duurder was dan het is, zou ze dat dan nog doen vraag ik me af.

Zouden ze in arme landen ook paprika’s en uien zo grof behandelen en restjes voedsel van allerlei aard weggooien? Zouden de winkels daar ook zoveel weggooien?
Er wordt vaak beweerd dat we rijk zijn dat we zo makkelijk aan voedsel kunnen komen.
Maar ik zie steeds vaker hoe arm we in wezen zijn.
Door al dat gemak zijn we iets kwijt geraakt; de dankbaarheid voor wat moeder Aarde ons geeft.

We gaan haastig door het leven, er moet zoveel.
We hebben de rust niet om wezenlijke aandacht op te brengen voor al wat is.
Je ziet het in de parken en andere recreatiegebieden aan het afval wat er wordt achtergelaten. Je ziet het aan hoe we met dieren en elkaar omgaan.
Als we rustiger aan zouden doen, verdienen we minder geld, maar hebben we meer tijd om aandacht op te brengen voor al dat is. We zouden dan ook minder consumeren, wat goed zou zijn voor Moeder Aarde.
En wat goed is voor Moeder Aarde, is ook goed voor al wat leeft.
Wat de Aarde ons schenkt, is duur noch goedkoop, het zijn geen economische objecten, spinazie noch kip is een ‘mooi product’ zoals tv-koks dat graag noemen. Het is wat Moeder Aarde doet; ze schenkt leven en dat wat het in leven houdt. Dat verdient, nee vereist respect en is iets om dankbaar voor te zijn.
Als we dat massaal zouden doen, zou er een heel ander klimaat, in alle betekenissen van dat woord, op aarde heersen.

Advertenties

Gehechtheid

Gehechtheid maakt je kwetsbaar.
Alles waar je je aan hecht kun je ook weer kwijtraken.
Alleen door onthechting stopt het lijden.
Ik weet het, word steeds beter in loslaten, maar geef het volmondig toe: Ik ben gehecht aan deze planeet.
Niet alleen gehecht, ik houd er van, ben er constant verliefd op. Onze prachtige planeet met haar onvoorstelbare schoonheid; gezien vanuit een ruimtestation als blauwe knikker in het heelal tot in de kleinste details van het leven op aarde dat ik zie op prachtige microscopische foto’s of nog net met het blote oog waarneembaar als ik op mijn buik in het gras lig. De schoonheid van het leven op Aarde doet af en toe pijn, zo schrijnend mooi is dat leven in al zijn verscheidenheid.

Ik behoor tot de generatie die in de hippietijd opgroeide. Als hippies waren we ervan overtuigd dat we de wereld mooier en liefdevoller konden maken. Het bewustzijn nam alleen maar toe en zou zorgen voor een betere wereld.

We leven nu in een tijd dat een omgekeerde beweging het geval lijkt te zijn.
Ik moet steeds vaker denken aan SF-films waarin de Aarde geschetst wordt na grote rampen en/of oorlogen. Grote delen van de Aarde zijn in die films onleefbaar en op wat rest strijden kleine groepen mensen met elkaar om het weinige dat de Aarde nog biedt om in leven te kunnen blijven.
Een toekomst die niet meer zo ver weg lijkt.
Alleen al die gedachte doet pijn.
Ja, dat krijg je als je ergens aan gehecht bent.
En als je verliefd bent en het onderwerp van je liefde lijdt.

Vandaag sprak ik iemand die een kunstenares is in het belijden van non-dualiteit.
Als je de wereld niet in balans ziet, maar als iets waarvan de ‘goede’ of de ‘slechte’ kant doorslaat, slaat er vermoedelijk nog wat in jezelf door, zei ze.
Zij ziet de wereld in een perfecte balans tussen de verschillende krachten.
Soms zie ik dat ook. Maar ik zie ook de schommeling tussen die verschillende krachten en … dat er maar zo weinig nodig is of net op het verkeerde moment slaat de schommel even door en hebben we zo’n Science Fiction filmlandschap.
Daar zal dan ook wel weer een goede reden voor zijn.
Alles is goed zoals het is.
Toch?

Nee, zegt mijn hart. Mijn verliefde hart.
Ik vrees dat onthechten daar weinig aan kan veranderen.
Ik weet ook niet of dat wel zo nodig is.
Deze pijn, deze zorg, zet me aan tot acties en gesprekken die ik anders niet zou voeren. Misschien is dat juist de bedoeling van mijn liefde voor onze prachtige planeet… Of het is mijn excuus voor gehechtheid.. Wie zal het zeggen?

No more…

Eindelijk kwam ik toe aan eens beter luisteren naar het openingsnummer van de dubbel CD ‘Long road out of Eden’ van The Eagles. Wat zongen ze nou, no more fox in the woods? Alleen al bij dat idee werd ik triest. Volume op 10 en toen hoorde ik dit vrijwel a capella gezongen nummer ineens met meer dan mijn oren.
“No more walks in the wood. Because all the trees are cut down…”
wood
Dat spookbeeld doemde voor me op en mijn gedachten gingen er mee aan de haal en mijn gevoel nog meer. Terwijl de prachtige meerstemmige zang door de kamer schalde dacht ik aan hoe de mensheid bezig is de Aarde te beroven van haar schatten. Hoe steeds meer leven wijkt voor de hebzucht van het menselijk ras, diersoorten, planten in hoog tempo verdwijnen.
Onze mooie Aarde, die miljarden en miljarden jaren er over gedaan heeft om zo mooi te worden als ze was toen de mens er begon te leven en die de laatste 2, 3 generaties wordt overspoeld door de nog steeds immer uitdijende diersoort waarvan elk zich in het diepst van zijn gedachten God waant, als we de dichter Kloos mogen geloven.
Maar waren we ons maar bewust van die goddelijkheid in het diepst van ons wezen. Dan zouden we ons ook bewust zijn van wat een geschenk het is dat je een leven lang op deze planeet mag zijn.
Want hoe je ook denkt over wat er na dit leven wel of niet op je wacht, éen ding is zeker: je leven op deze kleine blauwe knikker is uniek.
In al zijn schoonheid is er voor zover we weten niets mooier dan deze planeet, het hof van Eden.
Terwijl de Eagles de laatste noten zongen vloeide mijn hart over van liefde voor deze planeet en stroomden de tranen uit verdriet om wat de mensheid haar aandoet.