Dansen op de vulkaan

Het wordt nooit meer zoals het was. Dat geldt eigenlijk al zolang we bestaan,
maar er komen nu wel erg veel veranderingen ineens op ons af door het coronavirus.
Het AD kopt vandaag: “Corona maakt comeback: bijna 1000 nieuwe gevallen in een week”

Een Belgische viroloog kwam gisteravond bij Op1 op laconieke wijze vertellen dat we er vermoedelijk niet aan ontkomen om in alle locaties waar een dak op zit, dus ook winkels enz. mondkapjes om te doen. Dus sla ze maar vast in.

Er zijn mensen die op dit soort berichten van de laatste dagen reageren met boosheid over de vele mensen die de regels die besmetting moeten voorkomen aan hun laars lappen.
Inderdaad zie je, op straat bijvoorbeeld, vooral jongeren niet meer denken aan de 1,5 meter. Er verschenen de afgelopen weken ook veel artikelen waarin jongeren als grootste groep slachtoffers van de hele virussituatie worden genoemd. Niet omdat ze er zo ziek van worden, maar omdat de regels hen beperken in hun culturele en sociale ontwikkeling.
Zoals de zoon van een vriendin, keihard gestudeerd en gewerkt daarnaast, eindelijk op zijn 18e vwo diploma, zijn leerbaan waar hij eind van de zomer mee begint is ook al maanden duidelijk. Een zoon om trots op te zijn dus. Wat moet je dan doen als ouder, zeggen ga maar lekker in het park zitten? Maar daar hoeft hij niet naar te luisteren, want hij is 18. Kun je verwachten van een jong volwassene die net geslaagd is en gespaard heeft door bij AH vakken te vullen, ook in deze Corona tijd, dat die een reisje naar Griekenland met twee vriendinnen aan zich voorbij laat gaan? Ik kan me voorstellen dat je het risico van besmet raken dan graag op de koop toe neemt.
Terugkomers kunnen op Schiphol meteen getest worden. Hopelijk doen de vakantievierders dat, want er schijnen inmiddels al z’n 40 vliegtuigen op Schiphol geland te zijn met mensen die besmet bleken.
Jongeren willen graag leven, grenzen verkennen, de wereld ontdekken.
Maar ook volwassenen willen graag gewoon leven.
Wat is dat ‘gewoon’ eigenlijk?
In dit land zijn we best een verwend volkje. We zijn (waren?) rijk genoeg om geregeld buiten de deur te eten, alleenstaanden, zelfs met een laag inkomen of uitkering konden naar de kroeg om hun bestaan als single te socialiseren, we hadden in ons kleine landje duizenden festivals per jaar, zoveel dat er bijna geen natuurgebied meer ongeschonden door het zomerse festivalcircus heen kwam, met het vliegtuig op vakantie kostte een habbekrats enz. enz..
Als je daar weer naar verlangt, ben je dan iemand die maling heeft aan het belang van anderen? Maar ook in andere landen zijn er mensen die niet aan het belang van anderen denken of leven alsof ze zelf nooit ziek kunnen worden. In arme landen is het denken aan anderen vaak niet eens mogelijk omdat ze nauwelijks hun eigen bestaan overeind kunnen houden.

Het RIVM meldt dat nu de meeste besmettingen bij jongeren plaatsvinden. Het is te hopen dat besmette jongeren zich aan de regels houden zodat ze geen ouderen besmetten, want dan is een tweede golf onvermijdelijk.
Het virus is niet weg, nog steeds is 90% van de mensen nooit besmet en zijn er berichten dat ons immuunsysteem alleen maar tijdelijke weerstand opbouwt tegen het virus (dat werpt opnieuw de vraag op of al die energie die in vaccins gestoken wordt niet beter in geneesmiddelen kan worden gestoken). Wereldwijd is het aantal doden al de 600.000 gepasseerd.
Het wordt nooit meer zoals het was. Dat is alleen nog niet bij iedereen doorgedrongen of mensen hebben juist daarom schijt aan regels en willen nog even feesten nu het nog kan.
Terug naar ‘gewoon’ is als dansen op de vulkaan.